Tekort aan arbeidskrachten in de kritieke sectoren? Nieuwe regels brengen soelaas.

Geschreven door Mr. Ann Taghon, Van Eeckhoutte, Taquet & Clesse, www.bellaw.be
Foto: David Lenker  

Deze week werd het bijzondere-machtenbesluit nr. 14 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Het heeft tot doel ervoor te zorgen dat de werkgevers die behoren tot de kritieke sectoren, over voldoende werknemers beschikken om voort te blijven functioneren tijdens de COVID-19 epidemie. 

Het gaat om zes maatregelen waarvan de meerderheid enkel van toepassing is in de zogenaamde kritieke sectoren. Onder kritieke sectoren wordt verstaan: de bedrijven en de instellingen die behoren tot de cruciale sectoren en de essentiële diensten. Die sectoren en diensten zijn bepaald bij ministerieel besluit in een lijst die al meermaals werd gewijzigd sinds het begin van de coronacrisis.  

Hieronder volgt een kort overzicht van de maatregelen.

  1. Verhoging van het aantal vrijwillige overuren 

In de kritieke sectoren worden in de periode van 1 april 2020 t.e.m. 30 juni 2020 de 120 vrijwillige overuren (of 100 vrijwillige overuren voor de werkgevers die niet vallen onder het toepassingsgebied van de Cao-wet, zijnde in hoofdzaak die van de publieke sector en het onderwijs) verhoogd tot 220 uren. 

Zie m.b.t. de vrijwillige overuren Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2019-2020 nr. 1672

De bijkomende vrijwillige overuren:

  • moeten worden gepresteerd tijdens de periode van 1 april 2020 t.e.m. 30 juni 2020,
  • moeten niet ingehaald worden,
  • worden niet in aanmerking genomen voor de naleving van de interne grens van de overuren,
  • geven geen recht op overloon,
  • zijn vrijgesteld van socialezekerheidsbijdragen (dat is niet bepaald in het bijzondere-machtenbesluit nr. 14, maar dat dit zo zal worden geregeld, blijkt uit een persbericht m.b.t. de Minsterraad van 25 april 2020). 

         2. Tewerkstelling van asielzoekers 

Personen die om internationale bescherming (asiel of subsidiaire bescherming) zoeken, hebben toelating om te werken als ze vier maanden na het indienen van het verzoek nog geen beslissing hebben gekregen van het Commissariaat-generaal voor vluchtelingen en staatlozen. Zij kunnen werken vanaf dat ogenblik. 

Omdat er door het sluiten van de grenzen momenteel een grote nood is aan arbeidskrachten en de groep van de asielzoekers een geschikte groep is om de nood te lenigen, geldt die voorwaarde niet in de periode van 1 april 2020 tot 30 juni 2020 voor zover het verzoek geregistreerd werd ten laatste op 18 maart 2020. 

De afwijking geldt ongeacht de sector waarin de asielzoeker zal tewerkgesteld worden. De afwijking geldt enkel op voorwaarde dat de werkgever instaat voor de opvang van de asielzoeker. 

Volg het on demand seminarie Workforce management tijdens en na de CoViD-19-crisis (deel 1) met Karel DE SCHOENMAEKER
  1. Mogelijkheid tot het afsluiten van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd 

De Arbeidsovereenkomstenwet bepaalt dat wanneer de partijen verscheidene opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd hebben afgesloten zonder dat er een onderbreking is, toe te schrijven aan de werknemer, zij verondersteld worden een overeenkomst voor onbepaalde tijd te hebben aangegaan, behalve wanneer de werkgever het bewijs levert dat deze overeenkomsten gerechtvaardigd waren wegens de aard van het werk of wegens andere wettige redenen. 

In afwijking daarvan bepaalt het bijzondere-machtenbesluit nr. 14 dat het sluiten van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd in de kritieke sectoren niet het sluiten van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tot gevolg heeft. De arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd moeten wel voor minstens  zeven dagen gesloten worden. De versoepeling geldt van 1 april 2020 tot 30 juni 2020. 

  1. Terbeschikkingstelling van werknemers

In afwijking van het principieel verbod van terbeschikkingstelling van werknemers laat het bijzondere-machtenbesluit nr. 14 werkgevers in de periode van 1 april 2020 tot 30 juni 2020 toe vaste werknemers ter beschikking te stellen van een gebruiker die tot de kritieke sectoren behoort, om het hoofd te kunnen bieden aan de gevolgen van de COVID-19 epidemie in het bedrijf van de gebruiker. 

Voor die bijzondere vorm van toegelaten terbeschikkingstelling gelden een aantal voorwaarden. Zo moet o.a. de vaste werknemer die ter beschikking gesteld wordt, al voor 10 april 2020 in dienst zijn getreden bij de werkgever. Maar die voorwaarden zijn soepeler dan de reeds bestaande afwijking op het verbod van terbeschikkingstelling, die een voorafgaande toestemming van de sociale inspectiedienst vereist. 

  1. Uitbreiding van de studentenarbeid 

De uren die een student presteert in het tweede kwartaal van 2020 worden niet in rekening gebracht voor de berekening van het jaarlijks contingent van 475 uren. Die maatregel geldt ongeacht de sector waarin de student tewerkgesteld wordt (zie hierover SoCompact 17-2020). 

  1. Tijdelijke tewerkstelling in vitale sectoren 

De laatste maatregel geldt enkel voor de vitale sectoren. Onder vitale sectoren wordt iets anders begrepen dan onder kritieke sectoren. 

De vitale sectoren zijn beperkt tot:

  • het paritair comité voor de landbouw (144), voor zover de werknemer uitsluitend tewerkgesteld wordt op de eigen gronden van de werkgever,
  • het paritair comité voor het tuinbouwbedrijf (145), met uitzondering van de sector inplanting en onderhoud van tuinen en parken,
  • het paritair comité voor het bosbouwbedrijf (146),
  • het paritair comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren (322) voor zover de uitzendarbeider wordt tewerkgesteld bij een gebruiker in een van de hierboven genoemde sectoren. 

Een werknemer die met tijdskrediet, loopbaanonderbreking of thematisch verlof is, kan:

  • met zijn werkgever die behoort tot een vitale sector, overeenkomen zijn onderbreking of vermindering van de arbeidsprestaties tijdelijk te schorsen (geval 1),
  • tijdens de duur van de onderbreking of de vermindering van de arbeidsprestaties, tijdelijk door een andere werkgever die behoort tot een vitale sector, tewerkgesteld worden zodat daar eventuele tekorten aan arbeidskrachten kunnen worden opgevangen (geval 2). 

Dat is slechts mogelijk in de periode van 1 april 2020 tot 31 mei 2020 (bij koninklijk besluit verlengbaar tot 30 juni 2020). In de beide gevallen moet de werknemer de RVA verwittigen. 

In het eerste geval is er geen recht op een onderbrekingsuitkering tijdens de schorsing van de onderbreking of van de vermindering van de arbeidsprestaties. 

In het tweede geval behoudt de werknemer het recht op de onderbrekingsuitkering. Het bedrag van de onderbrekingsuitkering wordt evenwel met een kwart verminderd voor de duur van de arbeidsovereenkomst (met de andere werkgever uit een vitale sector).

Ook tijdelijk werklozen en werklozen met bedrijfstoeslag kunnen in de periode van 1 april 2020 tot 31 mei 2020 het werk hervatten in een vitale sector met behoud van 75 % van hun werkloosheidsuitkering. Het koninklijk besluit dat hiervoor zorgt werd kort voor het verzenden van deze nieuwsbrief in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Een uitgebreidere bespreking van deze maatregel, bezorgen wij u eventueel in een volgende editie van  SoCompact.