Niet tijdig opgenomen aanvullende vakantiedagen moeten niet noodzakelijk overdraagbaar zijn

Geschreven door Willy van Eeckhoutte, SoConsult, www.soconsult.be
Foto: Nick Kenrick  

We weten dat volgens het Belgisch arbeidsrecht vakantiedagen die niet voor het einde van het vakantiejaar worden opgenomen, niet naar het volgende jaar kunnen worden overgedragen. 

Evenzeer is gekend dat het Europees recht zich tegen de toepassing van dat verbod verzet wanneer de niet tijdige opneming van vakantiedagen het gevolg is van arbeidsongeschiktheid (zie SoCompact nr. 27-2012Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2019-2020 nr. 1993).  

Volg het on demand seminarie Actualia aanvullende pensioenen met Jurgen DE VREESE

In het hieronder nader aangewezen arrest antwoordt het Hof van Justitie van de Europese Unie op de vraag of het Europees recht zich ook verzet tegen een overdracht van vakantiedagen die de verplichte vier weken te boven gaan. 

Het antwoord van het Hof is ontkennend: noch de toekenning of de vergoeding van vakantiedagen die vier weken te boven gaan, noch de al dan niet overdraagbaarheid van dergelijke vakantiedagen naar een latere periode, zijn materies die onder de toepassing van het Europees recht vallen. 

►Lees ook: Bijdrage inzetbaarheidsverhogende maatregelen wordt (voorlopig) niet geïnd

Met andere woorden: het is perfect mogelijk dat een cao, overeenkomst of reglement waarin extralegale vakantiedagen worden toegekend, bepaalt dat die vervallen als ze niet opgenomen zijn voor het einde van het jaar (of een andere periode).  

Dat is zelfs het geval als de niet-tijdige opneming het gevolg is van arbeidsongeschiktheid, zo blijkt uit het arrest. Althans het Europees arbeidstijdenrecht vormt daarvoor geen beletsel. Of dat ook zo is met het verbod van (indirecte) discriminatie op grond van ziekte of handicap, is een andere vraag.