Hercodificatie - Nieuw Burgerlijk Wetboek - Bewijsrecht in burgerlijke zaken

Geschreven door Lexalert
Foto: theilr  

In 2017 komt er een Nieuw Burgerlijk Wetboek. Dat kondigde minister van Justitie aan. Hieronder meer informatie over de wijzigingen mbt het bewijsrecht in burgerlijke zaken

Krachtlijnen

In het huidige bewijsrecht neemt het geschrift als bewijs van rechtsmiddelen een centrale plaats in. Dit uitgangspunt zal behouden blijven. De argumenten voor de invoering van een stelsel van vrije bewijsvoering wegen onvoldoende zwaar.

Er kan worden aangevoerd dat het stelsel van vrije bewijsvoering de rechtszekerheid in gevaar brengt. Het huidige stelsel beantwoordt ook aan een diepgeworteld rechtsgevoel bij de burgers dat voor gewichtige transacties een geschrift moet worden opgemaakt. De vrije bewijsvoering vindt voorts weinig verdedigers in de Belgische rechtsleer.

De vrije bewijsvoering bestaat bovendien thans reeds in het handelsrecht en het toepassingsgebied hiervan  zal  nog  worden  uitgebreid  met  het  Wetboek  economisch  recht  dat  een  ruim  begrip ‘onderneming’ hanteert.

Het bewijsrecht wordt wel aangepast aan de technologische ontwikkelingen. De teksten moeten in overeenstemming worden gebracht met Europese verordening (EU) nr. 910/2014 betreffende elektronische identificatie en vertrouwensdiensten voor elektronische transacties. Inzonderheid de bewijswaarde van de archiverings- en tijdstempeldiensten (time stamping) moet nader worden bepaald.

De vrijheid voor de partijen om de bewijsregeling contractueel te regelen, blijft gehandhaafd. Indien dat ook geldt voor de meeste andere bewijsmiddelen die het huidige recht kent (o.m. bekentenis, eed) dringt een modernisering van de teksten zich wel op. Ten slotte verdienen bepaalde aspecten nader te worden geregeld zoals het bewijsregime van eenzijdige rechtshandelingen.

Concrete voorbeelden

Er wordt voorgesteld om de huidige drempel voor het geschriftvereiste van 375 euro (art. 1341 BW) te verhogen en het bewijsformalisme (art. 1325 en 1326 BW) te versoepelen.

Er moeten duidelijke definities van de in het bewijsrecht gehanteerde concepten (schriftelijk, handtekening, duurzame drager ...) in de wet worden ingevoerd. De regels betreffende de bewijslast moeten worden verduidelijkt op basis van de evolutie van de rechtspraak.

De aanpassing van het bewijsrecht aan de technologische ontwikkelingen zal gebeuren door aan het begrip ‘geschrift’ een ruimere omschrijving te geven zodat zij ook elektronische gegevens kan omvatten.