Bijkomende rechten tijdens het verhoor

Geschreven door Lexalert
Foto: Simon James  

Hoewel de Belgische wetgeving al in belangrijke mate voldoet aan de Europese vereisten, zijn nog een aantal wetswijzigingen nodig, in het bijzonder voor de omzetting van de richtlijn inzake het recht op toegang tot een advocaat (deadline 27 november 2016). De zogenaamde “Salduz-wet” van 13 augustus 2011 was een eerste belangrijke stap. Het wetsontwerp bouwt hierop verder. Volgend op de Europese richtlijn moet het toepassingsgebied  van deze wet worden uitgebreid.

De belangrijkste elementen zijn de volgende:

  • Het recht op toegang tot een advocaat moet worden gegarandeerd voor alle verhoren:
    • Voor personen, niet van hun vrijheid beroofd, wordt dit uitgebreid naar alle misdrijven waarvoor een vrijheidsbenemende straf kan worden opgelegd (de huidige drempel van een gevangenisstraf van meer dan 1 jaar is niet conform de richtlijn).
    • Voor personen die van hun vrijheid zijn beroofd wordt de organisatie van de bijstand voor de verhoren die plaatsgrijpen na de aflevering van het bevel tot aanhouding geïnspireerd op deze van het Protocol dat op 8 juni 2015 werd gesloten tussen de Procureur-generaal van het rechtsgebied AntwerpenLimburg, de eerste voorzitter van het hof van beroep, de voorzitters van de rechtbanken van eerste aanleg, de procureurs des Konings, de onderzoeksrechters en de Orde van Vlaamse Balies. Tevens wordt een mogelijkheid tot audiovisueel opnemen van het verhoor ingevoegd.
    • Het artikel 47bis van het Wetboek van strafvordering wordt het basisartikel voor alle verhoren met een strafrechtelijke finaliteit. De structuur van het artikel wordt volledig herzien. De belangrijkste aandachtspunten zijn;
      • rationalisatie van de mededeling van de rechten;
      • beschrijving van de rol van de advocaat conform de vereiste van de richtlijn.
  • De bijstand van de advocaat tijdens onderzoekshandelingen wordt uitgebreid van het plaatsbezoek met het oog op wedersamenstelling, naar de confrontatie en de meervoudige confrontatie.
  • De wet van 19 december 2003 betreffende het Europees aanhoudingsbevel wordt aangepast.
  • Artikel 495 van het Gerechtelijk Wetboek wordt aangepast om een wettelijke basis te geven aan de permanentiedienst, de zogenaamde “webapplicatie”.

Het wetsontwerp maakte het voorwerp uit van een uitgebreide consultatie van de praktijkactoren. De tekst werd voorbereid in een multidisciplinaire werkgroep,  bestaande uit vertegenwoordigers  van de federale en de lokale politie, de magistratuur, de onderzoeksrechters, leden van de beleidscel Justitie en leden van de FOD Justitie. De tekst werd ook voor advies voorgelegd aan het College van Procureurs generaal, de FOD Financiën (voor wat betreft Douane en Accijnzen), de Orde van Vlaamse Balies en avocats.be.

Ander interessant artikel: Potpourri II voert "guilty plea" in strafrecht in

Het wetsontwerp betreffende bepaalde rechten van personen die worden verhoord beoogt de omzetting van de volgende Europese instrumenten:

  • de richtlijn 2013/48/EU van 22 oktober 2013 betreffende het recht op toegang  tot een advocaat in strafprocedures en in procedures ter uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel  en het recht om een derde op de hoogte te laten brengen vanaf de vrijheidsbeneming en om met derden en consulaire autoriteiten te communiceren tijdens de vrijheidsbeneming;
  • de richtlijn 2010/64/EU van 20 oktober 2010 betreffende het recht op vertolking en vertaling in strafprocedures;
  • de richtlijn 2012/29/EU van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van

Lees de volledige tekst van het wetsontwerp van 13 september 2016 betreffende bepaalde rechten van personen die worden verhoord