Akkoord nieuw medisch getuigschrift, arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en nieuwe meldingsplicht voor de werkgever bij tijdelijke werkloosheid

Geschreven door , Agoria, www.agoria.be
Foto:   sergio santos

Binnen de Groep van 10, samengesteld uit afgevaardigden van werkgeversorganisaties en vakbonden, werden op 14 april afspraken gemaakt omtrent drie praktische punten in het kader van de coronacrisis.

Die drie punten zijn:

  • Het invoeren van een nieuw medisch getuigschrift, te gebruiken tijdens de coronacrisis, waarbij het onderscheid wordt gemaakt tussen arbeidsongeschiktheid en quarantaine.
  • Het optrekken van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, tijdens de coronacrisis, tot het niveau van de uitkeringen voor tijdelijke werkloosheid.
  • Het invoeren van een nieuwe meldingsplicht van de werkgever naar de werknemers toe in geval van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht – coronavirus.

Deze afspraken werden overgemaakt aan de Volmachtenregering, met de vraag ze om te zetten in wetgeving. 

De regering zal, indien zij dit akkoord uitvoert, alvast wetgevend initiatief moeten nemen voor de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de invoering van de meldingsplicht tijdelijke werkloosheid. 

Hierna worden de drie afspraken meer in detail overlopen:

Nieuw medisch getuigschrift

De sociale partners hebben een nieuw medisch getuigschrift uitgewerkt, waardoor een onderscheid kan worden gemaakt tussen enerzijds werknemers die arbeidsongeschikt zijn en anderzijds werknemers die wel arbeidsgeschikt zijn, maar in quarantaine worden geplaatst.

In geval van arbeidsongeschiktheid zijn de gewone regels van gewaarborgd loon van toepassing. In geval van quarantaine kunnen werknemer en werkgever bekijken of bv. telewerk mogelijk is. Indien dit niet mogelijk is, kan de werknemer terugvallen op een uitkering tijdelijke werkloosheid.

Het is de bedoeling dat dit nieuw medisch getuigschrift (enkel) tijdens de coronacrisis zal worden gebruikt, zowel voor telefonische raadplegingen als voor raadplegingen via fysiek contact.

Door de invoering ervan wordt vermeden dat de werkgever gewaarborgd loon betaalt voor werknemers die wel geschikt zijn om te werken, maar in quarantaine zijn geplaatst.

Raadpleeg hier het model van getuigschrift en de bijhorende toelichting (193,7 kB).

Volg het on demand seminarie Gratis webinar – FAQ Coronavirus en HR-beleid - UPDATE met Emmanuel WAUTERS

Afstemming van de primaire arbeidsongeschiktheidsuitkeringen (ZIV-uitkeringen) op de tijdelijke werkloosheidsuitkeringen wegens het coronavirus

De Groep van 10 streeft naar een gelijke behandeling van alle werknemers in tijdelijke werkloosheid, ongeacht of ze arbeidsongeschikt zijn of niet. De ZIV-uitkering voor werknemers met een brutoloon dat lager ligt dan 3.547,97 euro, is momenteel lager dan de uitkering tijdelijke werkloosheid wegens overmacht. Daarom stelt de Groep van 10 voor om één vergoedingsbedrag toe te kennen aan alle werknemers die zich wegens de coronacrisis in arbeidsongeschiktheid of tijdelijke werkloosheid bevinden.

Concreet wordt voorgesteld om:

a. De arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op te trekken voor alle werknemers van wie de primaire arbeidsongeschiktheid begonnen is vanaf 1 maart 2020 en dit tot het einde van de voorziene periode voor het specifieke stelsel van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht - coronavirus.

Dit betekent dat de ZIV-uitkering 70% van het gemiddelde brutodagloon zal bedragen (in plaats van de huidige 60%) voor alle brutomaandlonen van max. € 3 457,97.

b. Het minimum voor tijdelijke werkloosheid wegens de coronamaatregelen (= € 51,62/dag + aanvulling van € 5,63 = € 57,25) toe te passen vanaf de eerste dag primaire ongeschiktheid, vanaf 1 maart 2020 en tot het einde van de voorziene periode voor het specifieke stelsel van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht - coronavirus. 

►Lees ook: Nieuwe vragen en antwoorden in FAQ RVA (versie 06.04.2020)

Nieuwe meldingsplicht voor de werkgever naar de werknemers toe bij tijdelijke werkloosheid wegens overmacht - coronavirus

Opdat werkgever en werknemer tijdig hun rechtspositie zouden kennen, stelt de Groep van 10 voor om een meldingsplicht voor de werkgever naar zijn werknemers toe in te voeren. Bij werkloosheid wegens overmacht bestaat dit op dit ogenblik immers niet (in tegenstelling tot bij tijdelijke werkloosheid wegens economische redenen).  

Deze nieuwe meldingsplicht:

  • Is van toepassing op de werkgever die de tijdelijke werkloosheid inroept.
  • Is individueel, m.a.w. van de individuele werkgever t.a.v. de individuele werknemer. Een collectieve communicatie is mogelijk indien het voor de individuele werknemer op basis van deze communicatie duidelijk is welk arbeidsregime voor hem wordt voorzien.
  • De melding dient te gebeuren ten laatste op de dag voorafgaand aan de ingangsdatum van de tijdelijke werkloosheid en alleszins uiterlijk op het ogenblik dat de werknemer zich naar het werk begeeft. Deze principes gelden ook bij terugroeping van de werknemer.
  • De werkgever meldt:
    • De periode waarop de melding betrekking heeft,
    • Binnen deze periode: de dagen of het aantal dagen waarop de werkgever de tijdelijke werkloosheid inroept en de dagen of het aantal dagen waarop de werknemer geacht wordt arbeidsprestaties te leveren
  • De werkgever moet de werknemer voldoende informeren over de formaliteiten die de werknemer moet vervullen om een uitkering aan te vragen.
  • De werkgever kan geen tijdelijke werkloosheid aangeven voor de dagen waarvoor hij niet aan de meldingsplicht heeft voldaan.
  • Indien de werkgever na deze melding toch een beroep wenst te doen op de werknemer voor het leveren van arbeidsprestaties, kan de tijdelijke werkloosheid worden ingetrokken of geschorst.
  • Kennisgevingen aan de werknemers en informatie achteraf over het gebruik van tijdelijke werkloosheid aan de secretaris van de ondernemingsraad (+ cascade bij gebrek aan OR, CPBW, vakbondsafvaardiging).

Wij houden u op de hoogte van het verdere verloop van deze voorstellen.