3 voorwaarden fiscale vrijstelling coronapremies

Geschreven door Lexalert
Foto: FolsomNatural  

Het wetsontwerp houdende diverse dringende fiscale bepalingen ten gevolge van de COVID-19-pandemie werd op 20 mei 2020 aangenomen in de Commissie Begroting en Financiën. Het geeft de 3 voorwaarden waaronder een coronapremie vrijgesteld is van de inkomstenbelastingen.

De vergoedingen die door de gewesten, gemeenschappen, provincies of gemeenten worden toegekend voor de economische gevolgen die belastingplichtigen ondervinden naar aanleiding van de toepassing van de ministeriële besluiten van 13, 18 en 23 maart 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken of die overeenkomstig andere gewestelijke, gemeenschaps-, provinciale of gemeentelijke regelgeving worden toegekend voor de economische gevolgen die belastingplichtigen ondervinden naar aanleiding van de COVID-19-pandemie, van inkomstenbelastingen vrijgesteld.

De vrijstelling alleen van toepassing onder de volgende voorwaarden:

  1. de vergoeding vormt geen directe of indirecte vergoeding in ruil voor de levering van goederen of het verlenen van diensten;
  2. in de regeling op grond waarvan de vergoeding wordt verleend, is uitdrukkelijk bepaald dat deze vergoeding wordt verleend om aan de rechtstreekse of onrechtstreekse economische of sociale gevolgen van de COVID-19-pandemie het hoofd te bieden;
  3. de in het eerste lid bedoelde vergoeding wordt betaald of toegekend tussen 15 maart 2020 en 31 december 2020.

De vergoedingen worden vermeld op de berekeningsnota die gevoegd is bij het aanslagbiljet inzake personenbelasting van de genieter.

Lees de volledige tekst van het wetsvoorstel houdende diverse dringende fiscale bepalingen ten gevolge van de COVID-19-pandemie