11 FAQ over het Nationaal Pandregister

Geschreven door Lexalert
Foto: John Tregoning  

De wet van 11 juli 2013 hervormde de Pandwet grondig. Een belangrijk onderdeel van deze wet betrof de oprichting van een Nationaal Pandregister, pandregister genoemd, onder het beheer van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie. De tegenstelbaarheid van het pandrecht wordt afhankelijk van de registratie in het nieuw ontworpen pandregister.

Inmiddels heeft de wet van 25 december 2016 “houdende de wijziging van verscheidene bepalingen betreffende de zakelijke zekerheden op roerende goederen” (B.S. 30.12.2016) die wet op een aantal punten grondig gewijzigd, en is ook de elektronische toepassing die het pandregister vorm moet geven even grondig bijgestuurd. Een belangrijke innovatie betreft de uitbreiding van het pandregister tot de registratie van het eigendomsvoorbehoud van de onbetaalde verkoper van roerende goederen.

De FOD Financiën publiceerde op 30 november 2017 de circulaire 2017/C/76 betreffende het pandregister op www.fisconet.be. De onderstaande FAQ werd hierop gebaseerd. 

Hieronder komen volgende vragen aan bod: 

  1. Wat is het pandregister
  2. Wie kan gegevens registreren in het pandregister?
  3. Wie draagt de aansprakelijkheid voor de registratie van onjuiste gegevens?
  4. Hoe moet/kan de pandhouder of de verkoper zich identificeren en authenticeren?
  5. Welke gegevens kunnen/moeten worden geregistreerd?
  6. Wie kan het pandregister raadplegen?
  7. Hoe moet de gebruiker zich authenticeren bij raadpleging van het pandregister?
  8. Welke gegevens uit het pandregister kan de gebruiker raadplegen?
  9. Hoe wordt de verschuldigde retributie voor de raadpleging berekend en betaald?
  10. Hoe worden de raadpleging van het pandregister en de zoekresultaten bewezen?
  11. Wanneer treedt de Pandwet in werking?

1. Wat is het pandregister?

Het pandregister is een webtoepassing die steunt op een gegevensbank. De pandhouder (al dan niet vertegenwoordigd) of de verkoper kan zelf rechtstreeks, en zonder tussenkomst van wie dan ook, zijn pandrecht of eigendomsvoorbehoud registreren in het pandregister. Aangezien ook dient rekening gehouden met mogelijke buitenlandse gebruikers is ook voorzien dat de pandhouder of de verkoper beroep kan doen op een (Belgische) lasthebber voor het uitvoeren van die registratieformaliteiten.

Een belangrijke innovatie in de “vernieuwde” Pandwet van 25 december 2016 is het volledig autonoom functioneren van het pandregister. Daar waar onder de wet van 11 juli 2013 voor de pandgever nog de mogelijkheid bestond om beroep te doen op de beheerder van het register om onjuiste gegevens te verwijderen of te wijzigen, wordt deze optie in de nieuwe wet – geheel terecht – geschrapt. Hoewel het pandregister wordt beheerd door de Administratie Rechtszekerheid van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie, komt deze administratie in principe niet actief tussen in de registratie in het pandregister.

2.Wie kan gegevens registreren in het pandregister?

Ondanks het feit dat de toegang tot het pandregister in principe openstaat voor iedereen (art. 34, Pandwet), zijn er voorwaarden verbonden aan de mogelijkheid om gegevens te registreren:

  1. voor een pandovereenkomst kan alleen de pandhouder, diens vertegenwoordiger of een lasthebber van de pandhouder of vertegenwoordiger gegevens registreren in het pandregister;
  2. voor een eigendomsvoorbehoud kan alleen de verkoper of diens lasthebber gegevens registreren in het pandregister.

3.Wie draagt de aansprakelijkheid voor de registratie van onjuiste gegevens?

De aansprakelijkheid voor het registreren van onjuiste gegevens in het pandregister berust uitsluitend bij de pandhouder (c.q. zijn vertegenwoordiger) of bij de verkoper, houder van het eigendomsvoorbehoud. Zij alleen worden gebonden door de verklaring opgelegd bij de registratie in het pandregister en zijn aansprakelijk voor de schade geleden door de registratie van onjuiste gegevens.

De gevolgen van de registratie van onjuistheden betreffende de pandovereenkomst kunnen bovendien bijzonder verstrekkend zijn: “De onjuiste identificatie van de pandgever ontneemt elk gevolg aan de registratie, behalve indien een opzoeking in het register aan de hand van het juiste element van identificatie toelaat de inschrijving terug te vinden, onverminderd artikel 29, tweede lid. De onjuiste identificatie van de pandhouder of van de vertegenwoordiger of de onjuiste aanduiding van de door het pandrecht bezwaarde goederen ontnemen elk gevolg aan de registratie, behalve indien zij een redelijk persoon die een opzoeking doet niet ernstig op een dwaalspoor brengen, onverminderd artikel 29, tweede lid. De onjuiste aanduiding van de gewaarborgde schuldvorderingen of van het maximaal bedrag tot beloop waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn, ontneemt geen gevolg aan de registratie, onverminderd artikel 29, tweede lid.”

De strikte maatregelen vervat in artikel 15 van de Pandwet gelden enkel voor de pandovereenkomst, en worden niet van toepassing gemaakt voor het eigendomsvoorbehoud(3). Enkel de aansprakelijkheid voor de schade ontstaan door de registratie van onjuiste gegevens door de verkoper, houder van het eigendomsvoorbehoud, wordt geregeld(4).

De mogelijkheid om te werken met een lasthebber is belangrijk voor de toegangsmogelijkheid tot het pandregister door de buitenlandse pandhouder of de buitenlandse houder van het eigendomsvoorbehoud, die immers niet beschikken over een Belgische eID-kaart die toegang verleent tot het pandregister. Zij moeten daarvoor beroep kunnen doen op een Belgische tussenpersoon, een lasthebber, die voor hen optreedt en door middel van zijn identiteitskaart kan inloggen op het geïnformatiseerde systeem. Deze lasthebber mag niet verward worden met de vertegenwoordiger waarvan sprake in artikel 3 van de Pandwet: dat betreft een persoon die optreedt voor een groep van schuldeisers-pandhouders die verder anoniem wensen te blijven, en zich laten vertegenwoordigen door iemand die voor hen optreedt in de pandovereenkomst (ook wel security agent genoemd). M.a.w.: ook die vertegenwoordiger kan een buitenlander zijn, en moet dus voor de toegang tot het pandregister gebeurlijk beroep kunnen doen op een Belgische lasthebber.

Lees ook: 

4.Hoe moet/kan de pandhouder of de verkoper zich identificeren en authenticeren?

Iedere gebruiker van het pandregister – dus ook de pandhouder of de verkoper – moet zich authenticeren: “Elke registratie, raadpleging, wijziging, vernieuwing, rangafstand of overdracht van een pand of verwijdering van geregistreerde panden vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.”

Authenticatie is het proces dat beoogt de identiteit van een persoon te verifiëren om de verzekering te krijgen dat een persoon is wie hij beweert te zijn.

Grote gebruikers van het pandregister kunnen met de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie, de bewaarder en beheerder van het pandregister, een overeenkomst als “geregistreerde gebruiker” afsluiten aangaande het gebruik van het pandregister, met inbegrip van de authenticatie en het rollenbeheer van hun personeel.

Afhankelijk van de hoedanigheid van de pandhouder, de vertegenwoordiger of de verkoper met eigendomsvoorbehoud (geregistreerd, niet-geregistreerd, al dan niet van Belgische nationaliteit), worden volgende mogelijkheden aangeboden bij aanmelding in het pandregister:

  1. De niet-geregistreerde gebruiker (pandhouder, c.q. vertegenwoordiger, of verkoper) wordt geauthenticeerd door gebruik van zijn Belgische eID-card met pincode.
  2. De geregistreerde gebruiker (pandhouder, c.q. vertegenwoordiger, of verkoper) wordt geauthenticeerd conform de overeenkomst die wordt afgesloten met de bevoegde dienst van de bewaarder van het register.
  3. De buitenlandse pandhouder (c.q. vertegenwoordiger) of verkoper dient een Belgische lasthebber aan te stellen die kan worden geauthenticeerd op één van de hiervoor onder 1) of 2) vermelde wijzen (naargelang de feitelijke toestand), en die gebruik kan maken van het pandregister.

5.Welke gegevens kunnen/moeten worden geregistreerd?

a.Het webformulier voor het registreren van een nieuw pandrecht.

De bij registratie van een pandovereenkomst in het pandregister te vermelden gegevens worden opgesomd in artikel 30, §1 van de Pandwet:

i.de identiteit van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3:;

ii.de identiteit van de pandgever

iii.in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger

iv.de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie plaatsvindt;

v.de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie plaatsvindt;

vi.het maximale bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn en waarvoor registratie plaatsvindt;

vii.de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.

Hoe de identiteit van pandhouder en pandgever, en in voorkomend geval van de vertegenwoordiger en lasthebber precies moet worden vermeld:

  1. a) gaat het om een natuurlijke persoon, dan zijn de volgende gegevens vereist:
  • naam
  • eerste voornaam of eerste twee voornamen
  • land, postcode en gemeente van hoofdverblijfplaats
  • ondernemingsnummer, of bij gebreke het rijksregisternummer (tenminste, als de gebruiker gemachtigd is dit te gebruiken in het kader van het pandregister)
  • zijn geboortedatum​
  1. b) gaat het om een rechtspersoon, dan zijn de volgende gegevens vereist:
  • naam
  • rechtsvorm
  • land, postcode en gemeente van de maatschappelijke zetel
  • ondernemingsnummer (indien hij er een heeft)

De “aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor de registratie plaatsvindt is minder eenvoudig dan op het eerste gezicht misschien zou lijken. Niet alle roerende goederen kunnen – met de vereiste nauwkeurigheid en precisie – beschreven worden in een paar woorden. Het bezwaarde goed blijft bovendien niet altijd onveranderlijk: het kan en mag worden verwerkt zakelijke subrogatie is mogelijk… Toch moet het bezwaarde goed waarvoor registratie plaatsvindt voldoende “aanduidbaar” zijn, omdat het naast de identiteit van de pandgever deel uitmaakt van de zoektermen bij raadpleging van het pandregister.
In een vrij tekstveld van het webformulier kan een min of meer precieze aanduiding van het bezwaarde goed worden vermeld: de pandhouder neemt de nauwkeurige aanduiding van de bezwaarde goederen in de pandovereenkomst  verkort of volledig over. Om elke twijfel uit te sluiten kan zelfs een uittreksel uit de overeenkomst als pdf-bestand worden toegevoegd.

De wettekst laat aan de pandhouder de vrijheid omtrent de wijze waarop de gewaarborgde schuldvordering(en) in het pandregister worden omschreven. Hij dient er evenwel over te waken dat de – verkorte of volledige – beschrijving in het pandregister beantwoordt aan de “nauwkeurige aanduiding” in het geschrift en “bepaald of bepaalbaar” is. Het pandregister voorziet ook hier in de mogelijkheid om voor dit onderdeel een tekstgedeelte uit de overeenkomst in het webformulier te kopiëren.

Het maximaal bedrag ten belope waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn en waarvoor registratie plaatsvindt is voldoende duidelijk.

De registratie van een pandovereenkomst kan slechts voltooid worden door de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger als bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens.
De pandgever zal zich gebeurlijk op deze verklaring kunnen beroepen om de pandhouder of zijn vertegenwoordiger in rechte tot schadeloosstelling aan te spreken indien blijkt dat de bij de registratie vermelde gegevens onjuist zijn en hierdoor schade is ontstaan.
Indien in voorkomend geval de lasthebber deze verklaring onderschrijft namens de pandhouder of de vertegenwoordiger, zou hij persoonlijk door de pandgever niet aansprakelijk kunnen gesteld worden in geval van onjuistheden.

  1. Het webformulier voor het registreren van een nieuw eigendomsvoorbehoud.

De Pandwet specifieert de gegevens die moeten worden vermeld bij de registratie van een eigendomsvoorbehoud, en die – alvast wat betreft de identiteit van verkoper, koper of lasthebber – volledig identiek zijn aan deze vereist bij de registratie van een pandovereenkomst.

Daarnaast moeten voor de registratie van een eigendomsvoorbehoud enkel de verkochte goederen en de onbetaalde koopprijs worden vermeld en moet door de verkoper of zijn lasthebber een gelijkaardige aansprakelijkheidsverklaring worden onderschreven als deze van de pandhouder, de vertegenwoordiger of hun lasthebber, vooraleer de registratie kan worden voltooid.

c.Voltooiing en bevestiging van de registratie.

i.Betaling

Na bevestiging van de ingevoerde gegevens wordt de gebruiker (pandhouder, verkoper onder eigendomsvoorbehoud, vertegenwoordiger, lasthebber) doorgestuurd naar een scherm waar de betaling van de verschuldigde retributie wordt afgewikkeld, hetzij via een provisierekening (in geval van een geregistreerde gebruiker), hetzij via een online betaling. Het bedrag van de retributie wordt door de Koning bepaald (artikel 28 Pandwet).

De niet-geregistreerde gebruiker dient een gewone online betaling uit te voeren via de beveiligde elektronische betalingsmodule WorldLine.

Geregistreerde gebruikers – die zich als dusdanig aanmelden in het pandregister – dienen te betalen via hun provisierekening (waarbij het systeem uiteraard zal nagaan of de rekening voldoende geprovisioneerd is vooraleer de transactie wordt uitgevoerd).

Het tarief van de retributie voor registratie in het pandregister is vastgelegd bij KB van 14 september 2017 (B.S. van 26 september 2017) “tot uitvoering van de artikelen van titel XVII van boek III van het Burgerlijk Wetboek, die het gebruik van het Nationaal Pandregister betreffen” waarvan de tekst als bijlage gaat.

ii.Bevestiging en bewijs van de registratie

Eens de betaling is uitgevoerd ontvangt de gebruiker een uniek identificatienummer dat hem zal toelaten de registratie te wijzigen, vernieuwen, verwijderen, over te dragen of (enkel in het geval van een pandrecht) een rangafstand te verwezenlijken. Er wordt hem ter bevestiging tevens een digitaal (pdf-)document afgeleverd waarvan de integriteit wordt gewaarborgd door een elektronische handtekening. Dit document vermeldt alle gegevens van de registratie, inbegrepen datum en uur en het uniek identificatienummer, en kan worden gedownload en geprint.

d.Andere verrichtingen in het pandregister: vernieuwing, wijziging, verwijdering, rangafstand, overdracht.

Naast de eigenlijke registratie van een pandrecht of een eigendomsvoorbehoud biedt het pandregister de mogelijkheid om dit geregistreerd pandrecht of eigendomsvoorbehoud te vernieuwen, te wijzigen, te verwijderen, over te dragen of (enkel voor een pandrecht) rangafstand te doen.

De werkwijze is grotendeels gelijklopend met deze van een registratie, met dien verstande uiteraard dat – op basis van het in te voeren identificatienummer(10) – wordt uitgegaan van de bestaande registratie (met identiteitsgegevens en gegevens betreffende de geregistreerde overeenkomst), en dat de door het systeem aangeboden invoermogelijkheden zijn afgestemd op de gewenste transactie. Het elektronisch register biedt daartoe na aanmelding (identificatie en authenticatie) de keuze, en de toepasselijke schermformulieren bieden de aangepaste invoervelden.

De in het pandregister uitgevoerde transacties betreffende een pandrecht of een eigendomsvoorbehoud blijven bewaard in de chronologische volgorde waarin ze werden geregistreerd.

De registratie van een pandrecht en van een eigendomsvoorbehoud vervalt na verloop van 10 jaar, maar deze termijn is vatbaar voor herhaalde vernieuwing voor een nieuwe termijn van 10 jaar. Een vernieuwing van de registratie levert geen problemen op, op voorwaarde dat de registratie van de vernieuwing in het pandregister gebeurt voor het verstrijken van de termijn van 10 jaar. Gebrek aan tijdige vernieuwing heeft verval van de registratie tot gevolg, met alle mogelijke nadelige gevolgen van dien: kosten nieuwe registratie, verlies van rang, … De vernieuwing kan geheel of gedeeltelijk zijn, en kan gepaard gaan met andere verrichtingen (vermindering van het maximaal gewaarborgd bedrag(11) en/of omvang van de in pand gegeven goederen). Na de keuze van het toepasselijk invoerscherm dient enkel de informatie betreffende de vernieuwing toegevoegd, en wordt – mits betaling van de retributie - de vernieuwde registratie een feit.

Bij een wijziging van de registratie (bijv. omwille van wijziging van de pandovereenkomst, of in geval van rechtzetting van onjuiste gegevens) wordt in het register zowel de oorspronkelijke registratie als de wijziging opgeslagen. 
Een raadpleging zal dan ook de volledige historiek van een geregistreerde pandovereenkomst of eigendomsvoorbehoud kunnen weergeven.

Dit zal vanzelfsprekend niet meer het geval zijn bij een volledige verwijdering, die door de pandhouder moet worden uitgevoerd in geval van betaling van de gewaarborgde schuld, en waartoe hij zelfs door de rechter kan worden verplicht indien hij dit nalaat te doen.

Bij een gedeeltelijke verwijdering evenwel (hetzij door de vermindering van het geregistreerde maximaal bedrag tot beloop waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn, hetzij door de verwijdering van een deel van de goederen waarop het pandrecht slaat en waarvoor registratie werd genomen) blijft de oorspronkelijke registratie behouden naast de registratie van die gedeeltelijke verwijdering.

Bij overdracht van het pandrecht (ingevolge de overdracht van de gewaarborgde schuldvordering) moet de overdrager instaan voor de registratie van de overdracht. Hierbij dient uiteraard de identiteit van de overnemer toegevoegd (die ook zal worden weergegeven bij raadpleging).

Een rangafstand inzake pandrecht wordt in het pandregister geregistreerd door diegene die zijn rang afstaat (of door zijn vertegenwoordiger of hun lasthebber). Bij de raadpleging van een geregistreerd pandrecht, zal een geregistreerde rangafstand mee vermeld worden.

Voor elk van de hiervoor opgesomde verrichtingen is een specifiek retributietarief voorzien, dat in sommige gevallen progressief (vernieuwing, wijziging, verwijdering,), in andere een vlak tarief is (rangafstand, overdracht). Deze retributie moet voorafgaand aan de verrichting worden betaald op de wijze zoals uiteengezet hiervoor.

Ook de bevestiging en het bewijs van de registratie gebeuren zoals hogerop uiteengezet.

6.Wie kan het pandregister raadplegen?

Artikel 34 van de Pandwet bepaalt: “Eenieder heeft toegang tot het pandregister volgens de nadere regels die de Koning bepaalt.”

M.a.w.: iedereen kan onder de gestelde voorwaarden het pandregister raadplegen. De in de versie van 2013 van de Pandwet opgenomen “categorieën van personen of instellingen die de Koning heeft bepaald na advies van de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer” werden geschrapt.

In de Pandwet en in het KB zijn een aantal drempels ingebouwd om de ongelimiteerde raadpleging van het pandregister af te remmen. Elke raadpleging vereist de voorafgaande betaling van een retributie (die – zoals verderop wordt uiteengezet – zal worden aangerekend per zoekresultaat, ook al is dat negatief), en de identiteit van de raadplegende persoon wordt bijgehouden in het systeem. Deze drempels zijn niet enkel bedoeld om misbruik van het pandregister tegen te gaan. De identificatie van de personen die het pandregister raadplegen moet ook toelaten om te voldoen aan een maatregel die opgenomen wordt in het KB: de pandgever en de koper onder eigendomsvoorbehoud zullen de mogelijkheid hebben om aan de hand van de raadplegingsgeschiedenis na te gaan welke personen hun gegevens hebben geraadpleegd tijdens de laatste zes maanden (art.11 KB). In datzelfde KB wordt trouwens uitdrukkelijk vermeld dat oneigenlijk en commercieel gebruik van de uit het pandregister ingewonnen gegevens een inbreuk uitmaakt op de “Wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens” van 8 december 1992, en de gebruiker aansprakelijk stelt voor gebeurlijke schade (art.12 KB).

7.Hoe moet de gebruiker zich authenticeren bij raadpleging van het pandregister?

Ook de persoon die het pandregister wil raadplegen moet zich authenticeren; artikel 27, eerste lid, Pandwet bepaalt: “Elke registratie, raadpleging, vereist de authenticatie van de gebruiker van het pandregister.”

De authenticatieprocedure is hier volledig identiek aan deze die hiervoor reeds werd uiteengezet voor de registratie (zie supra nr.12 e.v.) en is dus afhankelijk van de hoedanigheid van de gebruiker, d.i. de persoon die het pandregister wil raadplegen:

  1. De niet-geregistreerde gebruiker wordt geauthenticeerd door gebruik van zijn Belgische eID-card met pincode.
  2. De geregistreerde gebruiker wordt geauthenticeerd conform de overeenkomst die wordt afgesloten met de bevoegde dienst van de bewaarder van het register.
  3. De buitenlandse gebruiker dient een Belgische lasthebber aan te stellen die kan worden geauthenticeerd op één van de hiervoor onder 1 of 2 vermelde wijzen (naargelang de feitelijke toestand), en die gebruik kan maken van het pandregister.

8.Welke gegevens uit het pandregister kan de gebruiker raadplegen?

In artikel 31 van de Pandwet worden de gegevens opgesomd die in het pandregister kunnen worden geraadpleegd; daarbij wordt onderscheid gemaakt naargelang de raadpleging een geregistreerd pandrecht of een eigendomsvoorbehoud betreft.

Gaat het om een pandrecht dan zijn de volgende gegevens raadpleegbaar: “[…] 1° het registratienummer(13); 2° de identiteit van de pandhouder of vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 van de Pandwet; 3° de identiteit van de pandgever; 4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de pandhouder of van de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3; 5° de aanwijzing van de door het pandrecht bezwaarde goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden; 6° de aanwijzing van de gewaarborgde schuldvorderingen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden; 7° het maximale bedrag tot beloop waarvan de schuldvorderingen gewaarborgd zijn waarvoor registratie heeft plaatsgevonden; 8° de verklaring van de pandhouder, de vertegenwoordiger bedoeld in artikel 3 of hun lasthebber dat de pandhouder of vertegenwoordiger aansprakelijk is voor iedere schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens; 9° de datum van de registratie.”

Betreft de raadpleging daarentegen een eigendomsvoorbehoud (artikel 31, §2, Pandwet) dan zijn dit de raadpleegbare gegevens: “[…] 1° het registratienummer(14); 2° de identiteit van de verkoper; 3° de identiteit van de koper; 4° in voorkomend geval, de identiteit van de lasthebber van de verkoper; 5° de aanwijzing van de verkochte goederen waarvoor registratie heeft plaatsgevonden; 6° de aanwijzing van de onbetaalde verkoopprijs waarvoor registratie heeft plaatsgevonden; 7° de verklaring van de verkoper of diens lasthebber dat de verkoper aansprakelijk is voor alle schade ten gevolge van de registratie van onjuiste gegevens; 8° de datum van de registratie.”

Het pandregister biedt verder de mogelijkheid:

  • om in geval van wijziging van de geregistreerde gegevens zowel de oorspronkelijke als de gewijzigde registratie te raadplegen (artikel 32, tweede lid, Pandwet);
  • om in geval van vernieuwde registratie , naast de vernieuwde registratie ook de datum van de oorspronkelijke registratie te raadplegen (artikel 35, zesde lid, Pandwet);
  • om ook de oorspronkelijke registratie te raadplegen in geval van een gedeeltelijk verwijderde registratie (artikel 36, §2, derde lid, Pandwet);
  • om de identiteit van de overnemer te raadplegen in geval van geregistreerde overdracht van het pandrecht (artikel 37, tweede lid, Pandwet);
  • om een geregistreerde rangafstand te raadplegen met betrekking tot een geregistreerd pandrecht (artikel 38, derde lid, Pandwet);
  • aan de pandgever en de koper onder eigendomsvoorbehoud om aan de hand van de raadplegingsgeschiedenis na te gaan welke personen hun gegevens hebben geraadpleegd tijdens de laatste zes maanden (artikel 11 KB).

Er kan gezocht worden op de volgende criteria:

  • als pandhouder, vertegenwoordiger, verkoper of hun lasthebber: op alle gegevens betreffende panden of goederen waarvan men zelf pandhouder (of zijn vertegenwoordiger), respectievelijk houder van het eigendomsvoorbehoud, of hun lasthebber is;(15)
  • als pandgever, koper of hun lasthebber: op alle gegevens betreffende panden of goederen waarvan men zelf pandgever of koper (of hun lasthebber) is;(16)
  • op pandgever/koper (identiteit natuurlijke of rechtspersoon) + beschrijving van het bezwaarde goed (free text);(
  • op het ondernemingsnummer van de pandgever/koper + beschrijving van het bezwaarde goed (free text);
  • op registratienummer
  • op identificatienummer (toegekend aan de pandhouder, vertegenwoordiger, verkoper of hun lasthebber bij registratie van een pandrecht of eigendomsvoorbehoud).

Een raadpleging alleen op basis van free text is niet mogelijk. Ook een “verfijning” van de zoekopdracht is uitgesloten (het systeem werkt op basis van “hit/no hit”). De raadplegingscriteria moeten onmiddellijk bij aanvang van de raadpleging in het zoekscherm worden ingevoerd. Op die manier wordt een opzoeking at random onmogelijk, en wordt een bijkomende drempel ingebouwd om schendingen van de privacy tegen te gaan.

9.Hoe wordt de verschuldigde retributie voor de raadpleging berekend en betaald?

Aangezien bij de registratie van een pand of een eigendomsvoorbehoud geen opgave kan worden gedaan van de categorie van goederen waartoe de bezwaarde goederen behoren, is dit uiteraard evenmin een raadplegingscriterium.

Aangezien voor elke raadpleging van het pandregister een retributie wordt aangerekend, en deze retributie vooraf moet worden betaald, stelt zich de vraag hoeveel de te betalen retributie bedraagt als –uiteraard- het aantal zoekresultaten niet vooraf gekend is.

Het KB bij de Pandwet voorziet in de volgende (geautomatiseerde) aanrekening van de retributie voor raadplegingen:

  • De retributie bedraagt een vast bedrag per raadpleging.
  • Vooraleer de raadpleging in het pandregister kan worden uitgevoerd, moet de retributie worden betaald; pas daarna krijgt de gebruiker de zoekresultaten te zien.
  • In de initiële betaling van de retributie is inbegrepen de aflevering van een elektronisch gehandtekend pdf-document waarin:
    • ofwel het negatief zoekresultaat wordt gedocumenteerd (“geen resultaat”);
    • ofwel één pandrecht of één eigendomsvoorbehoud, geselecteerd door de gebruiker, wordt gedocumenteerd.
  • Zijn er meerdere zoekresultaten, dan wordt per bijkomend geselecteerd zoekresultaat waarvoor een elektronisch gehandtekend document wordt gevraagd de retributie aangerekend (te betalen vooraleer aflevering van het document of de documenten plaatsheeft).

De betaling verloopt op dezelfde wijze als hiervoor uiteengezet voor de registratie en voor verschillende andere verrichtingen in het pandregister.

10.Hoe worden de raadpleging van het pandregister en de zoekresultaten bewezen?

De resultaten van de raadpleging van het pandregister worden gedocumenteerd door de aflevering van een document, waarvan de integriteit wordt gewaarborgd door een elektronische handtekening.

Hoewel de gebruiker bij het uitvoeren van een opzoeking in het pandregister op het scherm een lijst van alle zoekresultaten, die beantwoorden aan zijn zoekopdracht, te zien krijgt (weliswaar onder de vorm van een korte beschrijving gegenereerd door het systeem), zal hij slechts die zoekresultaten die hem interesseren kunnen laten documenteren onder de vorm van een elektronisch gehandtekend pdf-document indien daarvoor de retributie vooraf betaald is. Enkel op die manier wordt dus een bewijskrachtig document van het opzoekingsresultaat gecreëerd.

Om mogelijk misbruik tegen te gaan voorziet het pandregister ook in de mogelijkheid voor de pandgever en de koper onder eigendomsvoorbehoud om aan de hand van de raadplegingsgeschiedenis na te gaan welke personen hun gegevens hebben geraadpleegd tijdens de laatste zes maanden. Deze opzoeking in het pandregister door de pandgever en de koper onder eigendomsvoorbehoud is kosteloos voor wat betreft de registratie in het pandregister die hen aanbelangt. Het volstaat dus dat zij zich authenticeren in het pandregister middels hun elektronische identiteitskaart (desnoods via een lasthebber) om deze raadplegingsgeschiedenis op te vragen zonder dat daarbij de retributie voor raadplegingen wordt aangerekend.

11.Wanneer treedt de Pandwet in werking?

De Pandwet treedt in werking op 1 januari 2018. Ook het KB treedt op dezelfde datum in werking. Bijgevolg wordt ook het pandregister vanaf die datum volledig operationeel.