Wijzigingen aan het pandrecht 2017

Geschreven door Lexalert
Foto: Kamal Hamid  

Het wetsontwerp van 7 november 2016 beoogt:

  • het op punt stellen en verfijnen van het pandrecht en de voorziene werking van het pandregister, na overleg met de praktijk;
  • het actualiseren van de kruisverwijzingen in de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffing van diverse bepalingen ter zake, en de aanpassing van een aantal wetten die rechtstreeks of onrechtstreeks raken aan deze materie. Dit om een effectieve wisselwerking tussen deze wetten mogelijk te maken;
  • het vaststellen van een nieuwe datum van inwerkingtreding van de wet van 11 juli 2013 in afwachting van een operationeel pandregister.

Met de wet van 11 juli 2013 heeft de wetgever het pandrecht grondig hervormd door een grondige actualisering van titel XVII van boek III van het Burgerlijk Wetboek, “Inpandgeving”. De inwerkingtreding van de wet van 11 juli 2013 was voorzien op 1 december 2014.

Centraal in deze vernieuwing was de invoering van een nieuw systeem inzake publiciteit. De tegenstelbaarheid van het pandrecht wordt in grote mate afhankelijk van de registratie in een nieuw te ontwerpen pandregister. Aangezien het ontwikkelen van dit pandregister echter meer tijd in beslag nam dan oorspronkelijk werd voorzien, kon dit register niet operationeel zijn tegen 1 december 2014. Voornamelijk omwille van deze reden, opteerde de wetgever voor een uitstel van de inwerkingtreding. De wet van 26 november 2014 tot wijziging van de datum van inwerkingtreding van de wet van 11 juli 2013 voorziet in een inwerkingtreding op uiterlijk 1 januari 2017. Door verdere vertragingen bij de ontwikkeling van het register dient de datum van inwerkingtreding opnieuw te worden gewijzigd. Dit voorontwerp voorziet daarin en bepaalt de nieuwe datum van inwerkingtreding op uiterlijk 1 januari 2018.

Dit uitstel heeft de mogelijkheid gecreëerd om de praktijk te consulteren over de nieuwe regeling, waardoor enkele voor de praktijk belemmerende aspecten werden vastgesteld. Ook is gebleken dat op bepaalde punten de doelstellingen van de wetgever onvoldoende werden bereikt. Deze vaststellingen hebben de regering ertoe gebracht om opnieuw een wetsontwerp in te dienen om het pandrecht en de voorziene werking van het pandregister verder op punt te stellen en te verfijnen.

Daarnaast blijkt dat een aantal wetten die rechtstreeks of onrechtstreeks raken aan deze materie eveneens dienen aangepast om een effectieve wisselwerking tussen de vernieuwde pandwetgeving en die wetten mogelijk te maken, inclusief wat betreft kruisverwijzingen en andere aanpassingen aan de nieuwe systematiek.

De doelstelling van dit ontwerp is de tijdige doorvoering van deze aanpassingen.

Deze tekst houdt rekening met voorstellen die werden geformuleerd door technische experten in overleg met professor E. Dirix (KUL).

Ander interessant artikel: Wijzigingen pandrecht 2016

STRUCTUUR

Daar dit wetsontwerp er toe strekt wijzigingen door te voeren in verschillende wetgevende teksten, werd gekozen het ontwerp op de volgende manier te structureren. De wijzigingsbepalingen zijn ingedeeld in hoofdstukken en afdelingen, waarbij zij worden gegroepeerd per wet die moet worden gewijzigd. De wetgevende teksten waarin meerdere bepalingen worden gewijzigd, vormen elk een afzonderlijk hoofdstuk. De overige wijzigingen worden in één hoofdstuk gegroepeerd.

De structuur kan worden uiteengezet als volgt:

Hoofdstuk 1: Algemene bepaling

Hoofdstuk 2: Wijzigingen aan de wet van 11 juli 2013 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek wat de zakelijke zekerheden op roerende goederen betreft en tot opheffing van diverse bepalingen ter zake

Hoofdstuk 3: Wijzigingen aan de wet van 15 december 2004 betreffende financiële zekerheden en houdende diverse fiscale bepalingen inzake zakelijke-zekerheidsovereenkomsten en leningen met betrekking tot financiële instrumenten

Hoofdstuk 4: Wijzigingen aan de wet van 3 augustus 2012 betreffende diverse maatregelen ter vergemakkelijking van de mobilisering van schuldvorderingen in de financiële sector

Hoofdstuk 5: Wijzigingen aan het Wetboek der registratie-, hypotheeken griffierechten

Hoofdstuk 6: Andere wijzigingsbepalingen

Afdeling 1: Wijzigingen aan de Hypotheekwet

Afdeling 2: Wijzigingen aan het koninklijk besluit nr. 62 betreffende de bewaargeving van vervangbare financiële instrumenten en de vereffening van transacties op deze instrumenten

Afdeling 3: Wijzigingen aan de wet van 2 januari 1991 betreffende de markt van de effecten van de overheidsschuld en het monetair beleidsinstrumentarium

Afdeling 4: Wijzigingen aan het Wetboek van vennootschappen

Afdeling 5: Wijzigingen aan de wet van 3 augustus 2012 betreffende de instellingen voor collectieve belegging die voldoen aan de voorwaarden van Richtlijn 2009/65/EG en de instellingen voor belegging in schuldvorderingen

Afdeling 6: Wijzigingen aan de wet van 19 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve belegging en hun beheerders

Hoofdstuk 7: Overgangsbepaling

Hoofdstuk 8: Inwerkingtreding

Lees de volledige tekst van het wetsontwerp van 7 november 2016 houdende de wijziging van verscheidene bepalingen betreffende de zakelijke zekerheden op roerende goederen