Wet inzake het hergebruik van overheidsinformatie 2016

Geschreven door Lexalert
Foto: Magnus Akselvoll  

Het wetsontwerp van 29 januari 2016 zet de Richtlijn 2013/37/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 tot wijziging  van Richtlijn 2003/98/EG inzake het hergebruik van overheidsinformatie in het Belgisch recht om.

Richtlijn 2003/98/EG bevatte een aantal minimumvoorschriften voor het hergebruik van overheidsinformatie. De Europese Commissie constateerde echter dat deze richtlijn achterhaald was door de voortdurende technologische evolutie.

Richtlijn 2013/37/EU voorziet dan ook een reeks wijzigingen, met name:

  • Een duidelijke verplichting voor de lidstaten om alle documenten toegankelijk te maken voor hergebruik tenzij de toegang wordt beperkt of uitgesloten uit hoofde van nationale regels betreffende de toegang tot documenten en behoudens de andere uitzonderingen die in Richtlijn 2013/37/EU zijn vastgesteld;
  • Het toepassingsgebied  wordt uitgebreid tot bibliotheken, met inbegrip van universiteitsbibliotheken, musea en archieven;
  • Het gebruik van open licenties wordt nog sterker aanbevolen;
  • Er wordt aanbevolen om de documenten  ter beschikking te stellen in  open, machinaal leesbare formaten;
  • Voor wat betreft de tarifering, mogen overheden behoudens een aantal uitzonderingen enkel marginale kosten aanrekenen.

In 2003 heeft de Europese Unie een richtlijn betreffende het hergebruik van overheidsinformatie (2003/98/ EG van 17 november 2003) goedgekeurd. Die richtlijn ligt in de lijn van de ontwikkeling van de interne markt en de kennisontwikkeling en -verwerving.

De informatie die wordt voortgebracht door de overheidssector in een brede waaier van domeinen (sociaal, economisch, geografisch, meteorologisch, transport enz.) vormt een grondstof die verder zou kunnen worden geëxploiteerd met het oog op de ontwikkeling van diensten met een aanzienlijk groeibevorderend en banenscheppend potentieel dat uiteindelijk de gemeenschap ten goede komt.

De Europese Unie wou een algemeen kader schetsen om het hergebruik van overheidsinformatie te vergemakkelijken. De richtlijn van 2003 en die van 2013 (2013/37/ EU van 26 juni 2013) hebben na te leven principes en meer praktische regels vastgelegd om een minimum aan harmonisering van het beleid en de regelgeving van de lidstaten te verzekeren.

De initiële doelstellingen en principes van het hergebruik blijven dezelfde:

  • vrije concurrentie;
  • non-discriminatie;
  • transparantie;
  • de noodzaak om onderzoek te vergemakkelijken;
  • het beroep op per formante technologische middelen;
  • de eerbiediging van de grondrechten: intellectueel eigendomsrecht, bescherming van persoonsgegevens, enz.

Ingevolge de raadpleging van alle betrokken actoren bij het hergebruik van overheidsgegevens, wou de Commissie echter het Europese instrumentarium versterken. Richtlijn 2013/37/EU wijzigt Richtlijn 2003/98/ EG  op verschillende punten:

  • ze legt voortaan een duidelijke verplichting vast voor de lidstaten om alle documenten toegankelijk te maken voor hergebruik tenzij de toegang wordt beperkt of uitgesloten uit hoofde van nationale regels betreffende de toegang tot documenten en behoudens de andere uitzonderingen die in Richtlijn 2013/37/EU zijn vastgesteld (zie overweging 8);
  • het toepassingsgebied wordt uitgebreid tot bibliotheken, met inbegrip van universiteitsbibliotheken, musea en archieven (zie overweging 14). Andere soorten culturele instellingen, zoals orkesten, operahuizen, balletgezelschappen en theaters, met inbegrip van de archieven die daar deel van uitmaken, blijven buiten het toepassingsgebied;
  • het begrip “elektronisch document” wordt verduidelijkt; het gaat om open, machinaal leesbare formaten samen met hun metagegevens. Er wordt aanbevolen om de documenten met het beste niveau van nauwkeurigheid en fijnkorreligheid beschikbaar te stellen in een formaat dat interoperabiliteit verzekert en verwijst naar de principes die de bepalingen van Richtlijn 2007/2/EG INSPIRE regelen (zie overwegingen 20 en 21);
  • in geval van vergoedingen moeten die in beginsel worden beperkt tot de marginale kosten. Er zijn twee uitzonderingen toegestaan:
    • de overheidsinstanties die inkomsten moeten genereren ter dekking van een aanzienlijk deel van hun kosten voor de verzameling, productie, vermenigvuldiging en verspreiding van bepaalde documenten die voor hergebruik ter beschikking worden gesteld, kunnen hogere vergoedingen dan de marginale kosten opleggen. Die vergoedingen moeten echter volgens objectieve, transparante en controleerbare criteria worden vastgelegd;
    • bibliotheken, met inbegrip van universiteitsbibliotheken, musea en archieven, kunnen hogere vergoedingen dan de marginale kosten heffen;
  • het op transparante wijze vastleggen van de criteria voor het vaststellen van de vergoedingen die de marginale kosten overstijgen (art. 6 van Richtlijn 2013/37/EU);
  • het gebruik van een open licentie wordt zeer sterk aanbevolen, om de voorwaarden en beperkingen van het hergebruik door derden te beperken;
  • exclusiviteitsregelingen tussen overheidsinstellingen en private partners moeten worden vermeden, ook in de culturele sector. Het sluiten van exclusiviteitsregelingen is, onder voorbehoud van een regelmatige herziening, echter toegestaan wanneer een exclusief recht noodzakelijk is voor het verlenen van een dienst van algemeen belang of wanneer de operator de exclusiviteit eist. De exclusiviteitsakkoorden zijn transparant en worden openbaar gemaakt. Ze worden regelmatig herzien om te controleren dat de ingeroepen redenen hiervoor nog steeds geldig zijn.

De wet van 7 maart 2007 (BS 19 april 2007) heeft Richtlijn 2003/98 op federaal niveau omgezet. Rekening houdend met de gewenste evoluties en met het oog op de leesbaarheid voor de potentiële hergebruikers en de overheidsdiensten waarop een beroep wordt gedaan, werd het verkieslijk geacht om een autonome wet in het leven te roepen die de wet van 7 maart 2007 vervangt.

►Lees ook: Opgelet "e-commerce" handelaars: verplichte opname hyperlink Europees online geschillenbeslechting platform(“ODR-platform”)

Het koninklijk besluit van 29 oktober 2007 tot bepaling van de behandelingsprocedure en -termijnen voor een aanvraag voor hergebruik van overheidsinformatie alsook het toezicht op de verplichting om bestuursdocumenten beschikbaar te stellen (BS 6 november 2007), zal worden aangepast om te verwijzen naar de nieuwe wet, zonder dat het daarbij fundamenteel moet worden gewijzigd.

Het koninklijk besluit van 29 april 2008 betreffende de samenstelling en werkwijze van de Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten (BS 8 mei 2008) moet niet substantieel worden gewijzigd.

Lees de volledige tekst van het wetsontwerp van 29 januari 2016 inzake het hergebruik van overheidsinformatie