Stopzettingsmeerwaarden belast aan 10% vanaf 1 januari 2018

Geschreven door Lexalert
Foto: Andrea Passoni  

De FOD Financiën publiceerde op 5 februari 2017 de circulaire 2018/C/16 meerwaarden verkregen of vastgesteld naar aanleiding van de stopzetting van de werkzaamheid vanaf de leeftijd van 60 jaar of ingevolge het overlijden of naar aanleiding van een gedwongen definitieve stopzetting op www.fisconet.be. 

1. Wat verandert er?

In geval van afzonderlijke belasting is het tarief van 10 % van toepassing op stopzettingsmeerwaarden op:

a. de immateriële vaste activa in de mate dat ze een bepaalde grens niet overschrijden
b. andere activa dan immateriële vaste activa.

2. Voor wie?

Het nieuwe tarief van 10 % betreft enkel de natuurlijke personen zelfstandige met winsten of baten van een vorige beroepsactiviteit.

3. Op welke bestanddelen moet de meerwaarde betrekking hebben?

Het moet gaan over meerwaarden met betrekking tot:

  • immateriële vaste activa
  • materiële vaste activa
  • financiële vaste activa
  • activa die, volgens de wetgeving op de boekhouding en de jaarrekeningen van de ondernemingen, niet als vaste activa beschouwd kunnen worden. Het gaat in het bijzonder over voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen.

►Blijf op de hoogte over de fiscale actualiteit via de maandelijkse, online seminaries "Up-to-date Fiscaliteit, boekhouding en vennootschap" met Roel VAN HEMELEN (TaxQuest)

4. Wat zijn de voorwaarden?

De stopzettingsmeerwaarden op de elementen hierboven zijn slechts afzonderlijk belastbaar aan het tarief van 10% indien ze zijn vastgesteld of verkregen:

  • naar aanleiding van de stopzetting van de werkzaamheid vanaf de leeftijd van 60 jaar
  • ingevolge het overlijden
  • naar aanleiding van een gedwongen definitieve stopzetting (1).

(1) Onder gedwongen definitieve stopzetting wordt verstaan de definitieve stopzetting die voortvloeit uit een schadegeval, een onteigening, een opeising in eigendom of een andere gelijkaardige gebeurtenis evenals de definitieve stopzetting die het gevolg is van een zware handicap.

Bovendien zijn de stopzettingsmeerwaarden op de immateriële vaste activa slechts afzonderlijk belastbaar aan 10 % in de mate dat ze een bepaalde grens niet overschrijden. Deze grens is gelijk aan de belastbare nettowinst of -baten die in de vier jaren voorafgaand aan het jaar van de stopzetting van de werkzaamheid uit de niet meer uitgeoefende werkzaamheid zijn verkregen.

Tenslotte zijn de stopzettingsmeerwaarden op financiële vaste activa of andere aandelen slechts aan het tarief van 10 % belastbaar in zover zij hoger zijn dan het totale bedrag van de vroeger aangenomen minderwaarden, verminderd met het totaal van de belaste latente meerwaarden.

►Lees ook: Proratisering en beperking van bepaalde fiscale voordelen vanaf 1 januari 2018

5. Vanaf wanneer?

Het nieuw stelsel is van toepassing vanaf aanslagjaar 2019 verbonden aan een belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 01.01.2018.

6. Wetgeving?

  • Artikelen 14, 15 en 86 van de wet van 25.12.2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting (Belgisch Staatsblad van 29.12.2017)
  • Artikelen 171, 2° en 173, eerste lid van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.