Niet-financiële informatie en informatie mbt diversiteit in jaarverslag vanaf 2017

Geschreven door Lexalert
Foto: Ahmed Alkaisi  

In de Kamer wordt het wetsontwerp van 27 juni 2017 betreffende de bekendmaking van niet- financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde grote vennootschappen en groepen besproken. Grote organisaties van openbaar belang en beursgenoteerde vennootschappen zullen voor het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2017 of gedurende het kalenderjaar 2017 niet-financiële informatie moeten opnemen in het jaarverslag.

Welke informatie?

Grote organisaties van openbaar belang met een jaargemiddelde van meer dan 500 werknemers zullen in hun jaarverslag een verklaring van niet-financiële informatie moeten opnemen.

De verklaring van niet-financiële informatie bevat een omschrijving van het beleid van de vennootschap alsmede van de resultaten en de voornaamste risico’s van dit beleid dat minstens betrekking heeft op milieu-aangelegenheden, personeelsaangelegenheden, sociale aangelegenheden, mensenrechten en de strijd tegen corruptie en omkoping.

Deze verplichting geldt eveneens voor moedervennootschappen die een organisatie van openbaar belang zijn van grote groepen van meer dan 500 werknemers.

Beursgenoteerde vennootschappen zullen een beschrijving van hun diversiteitsbeleid in de verklaring corporate governance moeten opnemen.

EU-richtlijn

Het wetsontwerp van 29 juni 2017 zet Europese richtlijn 2014/95/ EU van het Europees Parlement en van de Raad van 22 oktober 2014 tot wijziging van de Richtlijn 2013/34/ EU met betrekking tot de bekendmaking van niet-financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde grote ondernemingen om in Belgisch recht.

Het Wetboek van vennootschappen zal worden aangepast.

De richtlijn 2014/95/EU dient uiterlijk op 6 december 2016 door de verschillende lidstaten te zijn omgezet in nationale regelgeving.

Het voornaamste doel van de richtlijn is de verbetering van de samenhang en de vergelijkbaarheid van de niet-financiële informatie in de Europese Unie door bepaalde grote ondernemingen te verplichten een verklaring van niet-financiële informatie op te stellen die minstens informatie bevat over milieuzaken, sociale en personeelsaangelegenheden, eerbiediging van de mensenrechten en bestrijding van corruptie en omkoping.

In deze verklaring moet een beschrijving worden opgenomen van het beleid, de resultaten en de risico’s die met deze aangelegenheden verbonden zijn en deze verklaring moet worden opgenomen in het jaarverslag van de onderneming.

De verklaring van niet-financiële informatie moet ook informatie bevatten over de door de onderneming toegepaste zorgvuldigheidsprocedures, ook waar dit relevant is en in verhouding tot het doel, met betrekking tot de toeleveringsketen en de onderaannemingsketen van de onderneming, om bestaande en potentiële negatieve effecten vast te stellen, te voorkomen en af te zwakken.

Het auditcomité van de beursgenoteerde vennootschappen, kredietinstellingen en verzekeringsondernemingen zijn met name belast met de opvolging van de doeltreffendheid van de interne controlesystemen en het risicobeheer van de vennootschap. Deze taken aangaande het risicobeheer van de vennootschappen, zoals hierboven vermeld, worden in het jaarverslag of het afzonderlijk verslag vermeld.

Beursgenoteerde grote vennootschappen, “groot” in de zin van de richtlijn 2013/34/EU, dienen een diversiteitsbeleid uit te werken en in hun jaarverslag te beschrijven. Diversiteit van competenties en meningen van de leden van de raad van bestuur, de leden van het directiecomité, de andere leiders en de personen belast met het dagelijks bestuur van de vennootschap bevordert een goed begrip van de bedrijfsorganisatie en van de zaken van de betrokken vennootschap. Het stelt de leden van de raad van bestuur, de leden van het directiecomité, de andere leiders en de personen belast met het dagelijks bestuur van de vennootschap in staat de beslissingen op bestuursniveau op constructieve wijze ter discussie te stellen en meer open te staan voor vernieuwende ideeën, waardoor het fenomeen van gelijklopende meningen onder de leden, ook wel bekend als het “eenheidsdenken”, wordt aangepakt. Aldus wordt een daadwerkelijke vorm van toezicht op het bestuur en een succesvolle governance van de vennootschap bevorderd. Het is dan ook belangrijk meer transparantie te brengen in het gevoerde diversiteitsbeleid. Hierdoor wordt de markt geïnformeerd over de praktijken op het gebied van corporate governance en worden vennootschappen bijgevolg indirect onder druk gezet om te zorgen voor meer diversiteit in hun raad van bestuur.

Wat is het toepassingsgebied?

Het toepassingsgebied van dit wetsontwerp is beperkt tot de vennootschappen die voldoen aan de volgende voorwaarden:

1° de vennootschap is een organisatie van openbaar belang, als bedoeld in artikel 4/1;

2° de vennootschap overschrijdt op de balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar de drempel van een gemiddeld personeelsbestand van 500 werknemers gedurende het boekjaar;

3° de vennootschap overschrijdt op de balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar minstens één van de twee volgende criteria met dien verstande dat deze criteria berekend worden op enkelvoudige basis, tenzij deze vennootschap een moedervennootschap is:

  • het balanstotaal: 17 000 000 euro;
  • de jaaromzet, exclusief de belasting over de toegevoegde waarde: 34 000 000 euro.

De drempel van het gemiddeld aantal werknemers is het gemiddelde van de werknemers in voltijdse equivalenten dat is geregistreerd in de DIMONA-databank overeenkomstig het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling per einde van elke maand van het boekjaar, of indien de tewerkstelling niet behoort tot het toepassingsgebied van het koninklijk besluit van 5 november 2002 tot invoering van een onmiddellijke aangifte van tewerkstelling, het gemiddelde in voltijdse equivalenten van de in het algemeen personeelsregister of een gelijkwaardig document ingeschreven werknemers per einde van elke maand van het beschouwde boekjaar.

Het aantal werknemers uitgedrukt in voltijds equivalenten is gelijk aan het arbeidsvolume teruggebracht tot voltijdse tewerkgestelde equivalenten, te berekenen voor de deeltijdse werknemers op basis van het conventioneel aantal te presteren uren, gerelateerd ten opzichte van de normale arbeidsduur van een vergelijkbare voltijdse werknemer.

Vennootschappen die deel uitmaken van een groep en waarvan de moedervennootschap de relevante niet-financiële informatie in haar jaarverslag of in het geconsolideerd jaarverslag voor de groep zoals bedoeld in de richtlijn heeft opgenomen, zijn vrijgesteld van de verplichting tot openbaarmaking van niet-financiële informatie.

Ander interessant artikel: Hervorming WCO en faillissmentswet 2017

Wat zijn “organisaties van openbaar belang”?

Organisaties van openbaar belang worden gedefinieerd in artikel 2.1 van de richtlijn 2013/34/EU, met name:

  • Ondernemingen waarvan de effecten zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt van een lidstaat in de zin van artikel 4, lid 1, punt 14), van richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende markten voor financiële instrumenten. In het Belgisch recht stemt deze definitie overeen met de vennootschappen bedoeld in artikel 4 van het Wetboek van vennootschappen.
  • Kredietinstellingen in de zin van artikel 4, punt 1), van richtlijn 2006/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen en die geen kredietinstellingen zijn, als bedoeld in artikel 2 van die richtlijn. In het Belgisch recht stemt deze definitie overeen met kredietinstellingen bedoeld in boek II van de wet van 25 april 2014 op het statuut van en het toezicht op kredietinstellingen.
  • Verzekeringsondernemingen in de zin van artikel 2, lid 1, van Richtlijn 91/674/EEG van de Raad van 19 december 1991 betreffende de jaarrekening van verzekeringsondernemingen. In het Belgische recht stemt deze definitie overeen met de verzekeringsondernemingen bedoeld in boek II van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekeringsof herverzekeringsondernemingen.
  • Ondernemingen die door de lidstaten zijn aangemerkt als organisaties van openbaar belang, bijvoorbeeld ondernemingen die van groot algemeen belang zijn als gevolg van de aard van hun bedrijfsactiviteiten, hun omvang of de grootte van hun personeelsbestand.

De wet van 7 december 2016 tot organisatie van het beroep en het publiek toezicht op de bedrijfsrevisoren duidt eveneens de herverzekeringsondernemingen, bedoeld in boek II van de wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings -of herverzekeringsondernemingen, en de vereffeningsinstellingen alsook de met vereffeningsinstellingen gelijkgestelde instellingen als organisaties van openbaar belang aan. In het door voornoemde wet van 7 december 2016 ingevoegde artikel 4/1 in het Wetboek van vennootschappen worden de vereffeningsinstellingen en de met vereffeningsinstellingen gelijkgestelde instellingen bedoeld: “de vereffeningsinstellingen bedoeld in artikel 36/1, 14° van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, alsook de instellingen waarvan de activiteit erin bestaat om, geheel of gedeeltelijk, het operationeel beheer van de dienstverlening door dergelijke vereffeningsinstellingen te waarborgen.”

Inwerkingtreding

Het wetsontwerp voorziet dat deze wet in werking treedt voor het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2017 of gedurende het kalenderjaar 2017.

Lees de volledige tekst van het wetsontwerp van 27 juni 2017 betreffende de bekendmaking van niet- financiële informatie en informatie inzake diversiteit door bepaalde grote vennootschappen en groepen