Hervorming van de Deposito- en Consignatiekas – 8 FAQ

Geschreven door Lexalert
Foto: Steve Hodgson  
  1. Wat doet de Deposito- en Consignatiekas?

De Deposito- en Consignatiekas houdt de geconsig- neerde goederen ter beschikking van de rechthebben- den en draagt ze aan hen over op voorwaarde dat alle vereiste voorwaarden tot vrijgave vervuld zijn.

Het begrip consigneren wordt op een zo ruim mogelijke wijze. Naar Luxemburgs en Nederlands voorbeeld wordt ervoor gekozen om enkel nog de term consigneren te gebruiken. In de bestaande wetgeving worden de begrippen neerleggen, consigneren, de- poneren, in bewaring geven door elkaar gebruikt. Er bestaat geen fundamenteel verschil tussen deze termen. Bovendien werken deze termen verwarrend en maken ze de tekst nodeloos complex. Daarom wordt geopteerd voor de eenvormige term consigneren.

Consigneren is het krachtens een wet, decreet, ordon- nantie of besluit, of een rechterlijke of administratieve beslis- sing, of op vrijwillige basis, overmaken van roerende goederen aan de Deposito- en Consignatiekas overeenkomstig de bepalingen van deze wet, ter beschikking van degene die van zijn recht op uitkering doet blijken.

  1. Waarom wordt de hervorming doorgevoerd?

Het koninklijk besluit nr. 150 is vandaag op een aantal punten achterhaald en strookt niet langer met de feitelijke werking van de Deposito- en Consignatiekas. In de operationele diensten van de Deposito- en Consignatiekas zijn er doorheen de jaren een aantal wijzigingen doorgevoerd die nooit hun neerslag in een wettekst hebben gekregen. Een modernisering en volle- dige herschrijving van het koninklijk besluit nr. 150 drong zich op omdat de meeste bepalingen teruggaan tot de negentiende eeuw. Een belangrijke leidraad hierbij was de rationalisatie van de activiteiten van de Deposito- en Consignatiekas. Het is de bedoeling deze overheids- dienst zo efficiënt, effectief en performant mogelijk te laten werken. Hier volgen de belangrijkste wijzigingen.

  1. Verandert de naam?

Omwille van de naambekendheid werd niet ge- raakt aan de naam van de Belgische Deposito- en Consignatiekas, hoewel de term “deposito” door dit ontwerp van wet in feite overbodig wordt.

  1. Wijzigt het intrestregime?

Een ander heikel punt van het koninklijk besluit nr. 150 zijn de interesten die de Deposito- en Consignatiekas toekent op de geconsigneerde gelden. Zo had een samenlezing van artikelen 18 en 31 van het koninklijk besluit nr. 150, aanleiding gegeven tot negen verschillende feitelijke interestregimes in de operati- onele diensten van de Deposito- en Consignatiekas. Omwille van de eenvoud en duidelijkheid hanteert de Deposito- en Consignatiekas vanaf 1 januari 2019 nog maar één interestregime.

Deposito- en Consignatiekas berekent jaarlijks interesten over de geconsigneerde bedragen.

De interesten beginnen te lopen op de eerste dag van de maand na die van de consignatie en houden op te lopen de laatste dag van de maand vóór de terugbetaling.

De maand wordt gerekend naar rato van dertig dagen. Deze interesten worden niet gekapitaliseerd.

De Deposito- en Consignatiekas kent geen interest toe op:

1° sommen die minder dan één jaar geconsigneerd blijven;

2° sommen in deviezen;

3° vruchten van geconsigneerde effecten;

4° uitbetalingen door de Deposito- en Consignatiekas aan de rechthebbenden die haar teruggezonden worden.

De Deposito- en Consignatiekas betaalt de interesten uit bij de terugbetaling van de geconsigneerde sommen, of jaarlijks op vraag van de rechthebbende.

Artikel 2277 van het Burgerlijk Wetboek vindt geen toepas- sing op de interesten die de Deposito- en Consignatiekas betaalt.

De Koning bepaalt nadere regels over de berekening, de aanrekening en de storting van deze interesten, alsook de rentevoet.

 
  1. Hoe wordt de boekhouding gevoerd?

Op vlak van de boekhouding van de Deposito- en Consignatiekas zijn de relevante bepalingen uit het koninklijk besluit nr. 150 niet overgenomen. Zij zijn namelijk overbodig geworden, nu de boekhouding ge- regeld wordt door de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de Federale Staat.

  1. Hoeveel agentschappen telt de Deposito- en Consignatiekas?

De facto zijn de agentschappen van de Deposito- en Consignatiekas afgeschaft per 1 januari 2016 om redenen van kosteneffectiviteit. Sindsdien heeft de centrale zetel van de Deposito- en Consignatiekas alle taken van de lokale agentschappen overgenomen. In dit ontwerp van wet is dan ook geen sprake meer van agentschappen. Alleen de centrale Deposito- en Consignatiekas in Brussel blijft over.

Lees ook: 

  1. Komt er een elektronische toepassing?

Een ander belangrijk aspect is de digitalisatie van de werking van de Deposito- en Consignatiekas, als- ook van de communicatie met haar gebruikers. Het is de bedoeling dat de Deposito- en Consignatiekas geleidelijk papierloze dossiers aanlegt en een elek- tronische toepassing ter beschikking van haar gebrui- kers stelt. De communicatie tussen de Deposito- en Consignatiekas en haar gebruikers verloopt integraal via deze toepassing.

Het gebruik van deze elektronische toepassing is in beginsel verplicht voor professionele gebruikers. Particulieren kunnen daarentegen eventueel nog op- teren voor papier

  1. Komt er een retributie?

Tenslotte laat dit ontwerp van wet toe een retributie voor werkings- en bewaarkosten te innen van de consig- natiegever, de rechthebbende of een andere betrokken partij. Dit laat de Deposito- en Consignatiekas toe om bijvoorbeeld de kosten van effecten- en deviezenbe- waring door te rekenen aan de rechthebbende. Om de inning van deze kosten te vergemakkelijken krijgt de Deposito- en Consignatiekas een retentierecht. Dit houdt in dat de Deposito- en Consignatiekas niet ver- plicht is het geconsigneerde goed af te geven zolang de ermee verband houdende kosten niet voldaan zijn.

Bekijk de volledige tekst van het wetsontwerp van 15 mei 2018 op de Deposito- en Consignatiekas