Hercodificatie - Ondernemingsrecht - Insolventierecht

Geschreven door Lexalert
Foto: fdecomite  

In 2017 komt er een hercodificatie. Hieronder meer informatie over de wijzigingen mbt het insolvabiliteitsrecht.

Tot nog toe wordt de insolventie van ondernemingen geregeld door de Wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen en de Faillissementswet van 8 augustus 1997. Deze laatste heeft tal van – niet altijd even coherente – wijzigingen ondergaan.

Het insolventierecht omvat een preventief en een curatief aspect en heeft aldus een dubbele doelstelling: de sanering van ondernemingen in moeilijkheden (continuïteit van de ondernemingen) en de vereffening van ondernemingen die niet langer gezond en levensvatbaar zijn (faillissement). Zowel de Wet continuïteit ondernemingen als de Faillissementswet zijn economische wetten waarvan de hervorming noodzakelijk is, willen ze zo goed mogelijk aansluiten bij de voortdurend veranderende sociale en economische realiteit.

De maatschappelijke uitdagingen zijn talrijk. Een onderneming in moeilijkheden vraagt om een snelle en efficiënte behandeling en begeleiding zodat een sneeuwbaleffect en systemische faillissementen worden voorkomen. De ondernemingen in moeilijkheden kunnen de gezonde ondernemingen  oneerlijke   concurrentie   aandoen   omdat   zij   worden   beschermd   tegen   hun schuldeisers.

Het voorontwerp van tekst betreffende de hervorming van het insolventierecht wordt voor het einde van 2016 aan de Regering voorgesteld na raadpleging van de stakeholders.

Krachtlijnen van de hervorming

De bedoeling van deze hervorming is om de wetgeving inzake insolventie samenhangend en bevattelijk te maken. Vandaar dat werd gekozen om de nieuwe wetgeving te integreren in een afzonderlijk boek  in  het  Wetboek  economisch recht-  nl.  namelijk  Boek  XX WER.  De  tekst  zal algemene beginselen bevatten die gemeenschappelijk zijn voor beide procedures en vervolgens afzonderlijke delen met de specifieke regels voor elke procedure.                   

Het   insolventiedossier  wordt   gemoderniseerd  waarbij   er   wordt   gekozen  voor   een   volledig elektronische procedure met een proactieve rol voor alle actoren. Hiertoe wordt een Centraal Register Solvabiliteit opgericht waarvoor de wettelijke basis reeds op 17 november 2016 werd aangenomen door het Parlement. Dit Centraal Register zal bijdragen tot efficiëntere en snellere procedures. Dat zal leiden tot tijdswinst, kostenbesparing, vereenvoudiging en een daling van de werklast bij de griffies.

Het  personeel toepassingsgebied van de  insolventieprocedure wordt uitgebreid teneinde beter aan te sluiten bij de economische realiteit van de onderneming. Het nieuwe insolventierecht zal immers van toepassing zijn op alle ondernemingen (zie supra). Teneinde de goederen van die nieuwe categorieën ondernemingen zo goed mogelijk te beheren, wordt voorzien in de mogelijkheid om insolventiefunctionarissen aan te stellen die gespecialiseerde kennis hebben van de betrokken sector.

Er wordt een ‘stil faillissement’ ingevoerd  dat het voor een onderneming mogelijk maakt om op een discrete wijze en zonder publicatiemaatregel een echt faillissement voor te bereiden. Die mogelijkheid bestond in de praktijk voor de grote ondernemingen en krijgt nu een wettelijke basis.

Om het tweede kans ondernemen te faciliteren worden er nieuwe maatregelen genomen die het ondernemerschap aanmoedigen en een nieuwe start mogelijk maken. Mislukken mag niet langer een stigma zijn. In dat kader wordt bijvoorbeeld de mogelijkheid gegeven aan de schuldenaar om, tijdens een faillissementsprocedure, een nieuwe activiteit op te starten, waarvan de inkomsten buiten de boedel vallen. In dezelfde lijn worden heersende discussies in de rechtspraak en rechtsleer inzake de regels rond verschoonbaarheid opgelost.

Het minnelijk akkoord buiten een gerechtelijke reorganisatieprocedure wordt aantrekkelijker gemaakt door een informele procedure in te voeren waarbij het akkoord, indien de partijen dat wensen kan worden gehomologeerd en uitvoerbaar kan worden verklaard. Dit heeft een werklastvermindering voor de rechtbanken tot gevolg.

Er wordt een coherent geheel van regels inzake aansprakelijkheid van de bestuurders opgenomen mét de invoering van het concept ‘wrongful trading’ in ons wetgevingsinstrumentarium. De bedoeling is om ondernemingen in moeilijkheden tot reorganisatie of vereffening te bewegen zodat de onderneming niet nodeloos wordt verdergezet.

De maatregelen voor de tenuitvoerlegging van Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 betreffende insolventieprocedures worden toegevoegd in een afzonderlijke maar ermee samenhangende titel.

Enkele zwakke punten in zowel de Faillissementswet als in de Wet betreffende de continuïteit van de ondernemingen worden weggewerkt. Sommige regels zijn immers niet langer verzoenbaar met de evolutie van het  recht en  de  maatschappij. Daarnaast worden enkele controverses die bestaan in de rechtspraak en rechtsleer beslecht.

Concrete voorbeelden

De informatisering van de procedure zal een aantal voordelen bieden, inzonderheid op het stuk van tijdswinst en kostenbesparing. De schuldeisers zullen zich bijvoorbeeld niet langer naar de griffie moeten begeven voor het indienen van hun schuldvorderingen of om een schuldvordering te betwisten. De griffiers van hun kant zullen niet langer met massa’s papier te maken krijgen. De centralisatie van de insolventiedossiers zal leiden tot meer transparantie en een betere toegang tot de informatie.

De wet zal toepasselijk zijn op personen en rechtspersonen, die voorheen geen handelaar waren maar nu wel door het ondernemingsbegrip worden gevat,   zoals de beoefenaars van vrije beroepen, de landbouwers en vzw’s.

De tweede kans wordt beter begeleid en de verschoonbaarheid wordt vervangen door een schuldkwijtschelding. Teneinde een hervatting van de activiteiten alle kansen te geven, wordt erin voorzien dat, naast de kwijtschelding, ook de inkomsten uit een nieuwe activiteit van de schuldenaar niet vatbaar zijn voor beslag.

Buitengerechtelijke  vormen  van  reorganisatie  worden  aangemoedigd.  Het  zal  voortaan mogelijk zijn om een minnelijk akkoord buiten een gerechtelijke reorganisatie een uitvoerbaar karakter te geven als de partijen dat wensen.

Het insolventierecht wordt aangepast aan een Europese en internationale context waarbij rekening wordt gehouden met de nieuwe Insolventieverordening die in werking zal treden op 26 juni 2017. Naast bevoegdheidsregels wordt voorzien in mechanismen voor de samenwerking en de communicatie tussen de insolventiefunctionarissen en de rechtscolleges van verschillende lidstaten indien een insolventieprocedure een grensoverschrijdend karakter heeft.

Het ontwerp beoogt een oplossing te bieden voor een aantal problemen die opgeworpen zijn in arresten van het Grondwettelijk Hof en van het Hof van Cassatie. Zo zal het voor de naaste familieleden van de gefailleerde niet langer mogelijk zijn om te worden bevrijd van schulden die niets te maken hebben met de activiteit van de gefailleerde.