Griffierechten vanaf 1 februari 2019

Geschreven door Lexalert

Vanaf 1 februari 2019 zijn nieuwe griffierechten (gemeenzaam rolrechten genoemd) van toepassing. Dat bepaalt de wet van 14 oktober 2018 die de rolrechten hervormt.

De wet wijzigt het Wetboek der registratie-, hypotheek en griffierechten door terug te keren naar het vorige systeem van rolrechten, waarbij de hoogte van de rolrechten in hoofdorde gekoppeld is aan het niveau van het gerecht waarbij het geding aanhangig wordt gemaakt. De wet van 28 april 2015 had dat systeem gewijzigd. De hoogte van het rolrecht per gerechtelijk niveau werd voortaan bepaald in functie van de waarde van de vordering. In 2017 vernietigde het Grondwettelijk Hof echter enkele artikelen van die wet, waardoor een nieuw wet noodzakelijk is.

De vernieuwingen in de wet ten opzichte van het stelsel van voor de wet van 28 april 2015, zijn de volgende:

  • binnen eenzelfde gerechtsniveau worden er geen onderscheiden tarieven meer bepaald naargelang de soort rol (algemene rol, register der verzoekschriften, register van de vorderingen in kort geding) waarop de inleidende akte moet worden ingeschreven, wat de tariefstructuur en dus ook het werk van de griffiers vereenvoudigt
  • alle tarieven, zoals laatst vastgesteld bij de wet van 28 april 2015, worden aangepast in functie van het arrest van het Grondwettelijk Hof. De beoogde meeropbrengst van jaarlijks 20 miljoen euro blijft behouden zoals in initiële aanpassing van de rolrechten
  • het verlaagd tarief bij de vredegerechten en de rechtbank van koophandel blijft afgeschaft maar het bedrag voor de vredegerechten en voor de politierechtbanken wordt verhoudingsgewijs minder verhoogd dan het tarief van de hogere rechtbanken om de toegang tot de “nabijheidsrechter” zo open als mogelijk te houden
  • het expeditierecht op de afgifte van de eerste uitvoerbare uitgifte van een vonnis of arrest komt te vervallen maar het blijft behouden wanneer de partijen aan de voorzitter van de bevoegde rechtbank de afgifte van een tweede uitvoerbare afgifte vragen
  • de invoering van een vrijstelling voor de inschrijving van zaken die ingeleid worden in het kader van de faillissementswet van 8 augustus 1997
Volg op 2 april 2019 van 12:30 uur tot 13:30 uur het online seminar GRATIS | Automatisering van juridische templates voor bedrijfsjuristen, advocaten, notariaat en HR-managers met Stephaan CLOET

Bedragen

Voor elke zaak die op de algemene rol, in het register van de verzoekschriften of in het register van de vorderingen in kort geding wordt ingeschreven of terug ingeschreven, is er verschuldigd:

Rechtbank

Bedrag griffierecht/rolrecht

Vredegerecht en politierechtbank

50 EUR

Rechtbank van eerste aanleg en rechtbank van koophandel

165 EUR

Hof van beroep

400 EUR

Hof van Cassatie

650 EUR

Spoedeisende zaken

De zaken die worden geacht spoedeisend te zijn zoals bedoeld in artikel 1253ter/7 van het Gerechtelijk Wetboek zijn onderworpen aan een eenmalig recht wanneer de nieuwe aanhangigmaking bij de familierechtbank het wijzigen van een vordering waarover deze zich al heeft uitgesproken, tot doel heeft. Dit stelsel wordt uitgebreid tot de maatregelen betreffende de uitoefening van het ouderlijk gezag uitgesproken door de jeugdrechtbank, waarvan de wijziging wordt gevraagd voor de familierechtbank.

 Ander interessant artikel: Algemene rechtsbijstandverzekering voor juridische geschillen

Verschuldigd

De rechter veroordeelt in zijn eindbeslissing de partij of de partijen die het recht verschuldigd zijn tot de betaling ervan of tot betaling van hun deel erin. Tegen de beslissing van de rechter kan geen rechtsmiddel worden aangewend.

Het recht is volledig verschuldigd door de partij die de zaak op de rol heeft doen stellen, behalve indien:

  • de verweerder in het ongelijk wordt gesteld, in welk geval het recht volledig verschuldigd is door de verweerder;
  • de partijen onderscheidenlijk omtrent enig geschilpunt in het ongelijk zijn gesteld, in welk geval het recht ten dele door de eiser en ten dele door de verweerder verschuldigd is, volgens de beslissing van de rechter.

Het recht wordt opeisbaar op de datum van de veroordeling.

In geval de zaak op de rol wordt doorgehaald of van de rol wordt weggelaten bij toepassing van artikel 730 van het Gerechtelijk Wetboek, is het recht vanaf de datum van de doorhaling of van de weglating opeisbaar ten laste van de partij die de zaak op de rol heeft doen stellen.

Inwerkingtreding

De nieuwe bedragen treden in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad. Dat is 1 februari 2019. 

Bekijk de volledige tekst van de wet van 14 oktober 2018 tot wijziging van het Wetboek der registratie-, hypotheeken griffierechten teneinde de griffierechten te hervormen (B.S. 20 december 2018).