Gecombineerde vergunning verblijf-werk voor niet-Europeanen op komst

Geschreven door Mr. Ann Taghon, Van Eeckhoutte, Tacquet & Clesse, www.bellaw.be
Foto: Les Chatfield  

De Europese ‘single permit’ richtlijn 2009/52 verplicht de lidstaten om met een enkele aanvraagprocedure de aflevering van een gecombineerde vergunning voor verblijf en werk aan niet-EU onderdanen in te stellen. 

Tot op vandaag hebben niet-EU onderdanen die in België willen werken, in de regel twee afzonderlijke documenten nodig: een verblijfsvergunning en een arbeidskaart (zie Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2017-18, nr. 992). Die twee documenten moeten en zullen vervangen worden door een ‘single permit’. De aanvraag tot aflevering van een ‘single permit’ zal in beginsel door de werkgever moeten ingediend worden. 

De uitvoering van de Europese ‘single permit’ richtlijn 2009/52 in België is complex. De bevoegdheden m.b.t. de tewerkstelling voor buitenlandse werknemers zijn in België namelijk verdeeld tussen de federale overheid enerzijds, en de regionale overheden (het Vlaams gewest, het Waals gewest, het Brussels hoofdstedelijk gewest en de Duitstalige gemeenschap) anderzijds. 

De onderstaande tabel geeft schematisch de bevoegdheidsverdeling weer zoals van toepassing sinds de zesde staatshervorming: 

 arbeidskaarten A en B

 (economische migratie)

 arbeidskaart C

 (afgeleverd op grond van de specifieke verblijfssituatie van de betrokkene)

 regionale overheden zijn bevoegd voor:

 → regelgeving

 → toepassing

 → handhaving en controle (maar federale sociaal inspecteurs kunnen ook inbreuken vaststellen)

 federale overheid is bevoegd voor:

 → regelgeving

 → controle en handhaving (maar regionale sociaal inspecteurs kunnen ook inbreuken vaststellen)

 regionale overheden zijn bevoegd voor:

 → toepassing

Omwille van de bevoegdheidsverdeling werd op 2 februari 2018 een samenwerkingsakkoord gesloten tussen de federale overheid en de regionale overheden m.b.t. de gecombineerde vergunning voor werk en verblijf. 

Vooraleer met toepassing van de regels van dat samenwerkingsakkoord de gecombineerde vergunning effectief kan worden aangevraagd en afgeleverd, is er nog heel wat andere wetgeving nodig. Zo zal er nog een uitvoerend samenwerkingsakkoord gesloten worden en moeten zowel de federale overheid als de deelstaten, elk binnen hun bevoegdheidsdomein, de huidige regelgeving aanpassen. 

Tot op vandaag werden echter alleen nog maar de drie hieronder vermelde federale wetten gepubliceerd. 

Lees ook: Single permit - Gecombineerde vergunning voor buitenlandse werknemers

Op het federaal niveau is er vooreerst een basiswet die in de plaats van de huidige Buitenlandse-Arbeidskrachtenwet 1999 komt die wordt opgeheven (behalve wat de ‘jonge au pairs’ betreft voor wie een paar artikelen van toepassing blijven). 

Een tweede federale wet past de sanctieregeling in het Sociaal Strafwetboek aan. Een derde federale wet ten slotte, past de wet m.b.t. de rechten van de vrijwilligers aan in die zin dat een ‘single permit’ niet vereist zal zijn voor vrijwilligerswerk. 

De nieuwe federale basiswet bepaalt dat de buitenlandse onderdanen die een verblijfsrecht hebben in België op basis van een bijzondere verblijfssituatie, de toelating krijgen om te werken. De voorwaarden en de regels waaronder dat kan, moeten evenwel nog bepaald worden in een koninklijk besluit. De nieuwe federale regeling zal in de in de plaats komen van de huidige arbeidskaart C, die zal verdwijnen. 

De nieuwe federale wetgeving is nog niet in werking getreden. Rekening houdend met het feit dat nog andere federale en regionale wetgeving noodzakelijk is en dat ook nog een gemeenschappelijk elektronisch platform moet opgericht worden, gaat men ervan uit dat de effectieve aflevering van de ‘single permit’ niet mogelijk zal zijn vóór november 2018. Een en ander is dus zeker nog niet voor morgen…

Bron: wet 9 mei 2018 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse onderdanen die zich in een specifieke verblijfssituatie bevinden, wet 9 mei 2018 tot invoering van een artikel 175/1 in het Sociaal Strafwetboek en wet 9 mei 2018 tot wijziging van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers (BS 8 juni 2018) 

Ondanks alle zorg die aan deze nieuwsbrief is besteed, blijven vergissingen mogelijk. De auteur en het advocatenkantoor Van Eeckhoutte, Taquet & Clesse kunnen daarvoor echter geen aansprakelijkheid aanvaarden.