Fiscale nalatigheidsintrest 2019 - Intrestvoet en FAQ

Geschreven door Lexalert

De FOD FInanciën publiceerde op 12 januari 2018 over de fiscale nalatigheidsintrest de circulaire 2018/C/2 op www.fisconet.be. Hierna treft u 6 FAQ en de rentevoet van de fiscale nalatigheidsintrest voor 2019. 

1. Voor welke soort belasting?

De wijziging heeft enkel betrekking op de belastingen bepaald in het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) en het Wetboek van de met de inkomstenbelastingen gelijke belastingen.

Zij betreft dus: de personenbelasting, de vennootschapsbelasting en de rechtspersonenbelasting, de belasting van niet-inwoners, de voorheffingen, de verkeersbelasting op de autovoertuigen, de belasting op de spelen en de weddenschappen, de belastingen op de automatische ontspanningstoestellen, de belasting en de aanvullende belasting op de deelname van de werknemers in de winst of in het kapitaal van de vennootschap.

Zij betreft dus niet de btw, noch de diverse rechten en taksen.

2. Welke rentevoet?

De rentevoet van de nalatigheidsinteresten wordt voortaan bepaald in functie van de lineaire obligaties op 10 jaar.

Hoe dan ook situeert de nalatigheidsinterest zich binnen een marge begrepen tussen 4 percent en 10 percent per jaar.

 Jaar  Rentevoet
 2019  4% (B.S. 24 december 2018)
 2018  4%


3. Jaarlijkse aanpassing van de rentevoet?

De rentevoet van de nalatigheidsinteresten wordt jaarlijks aangepast, op basis van de evolutie van lineaire obligaties op 10 jaar.

Aldus bepaalt het nieuwe tweede lid van artikel 414, WIB 92 de formule voor de jaarlijkse aanpassing van deze rentevoet.

►Blijf op de hoogte over de fiscale actualiteit met het online seminarie "Up-to-date Fiscaliteit, boekhouding en vennootschap" met Roel VAN HEMELEN (TaxQuest)

4. Hoe de van toepassing zijnde rentevoet te kennen?

In de loop van het laatste trimester van elk jaar, zal door de FOD Financiën een bericht worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad, waarin de toepasselijke rentevoet voor het volgende kalenderjaar wordt vermeld.

Ander interessant artikel: Fiscale moratoriumintresten 2019 - Rentevoet en FAQ

5. Nieuwe situaties die aanleiding geven tot het aanrekenen van nalatigheidsinteresten

  1. Wanneer ondernemingen anticiperen op het feit dat zij niet aan de herbeleggingsvoorwaarden voor de vrijstelling van de meerwaarden zoals bepaald in de artikelen 44bis, 44ter en 47, WIB 92 en in artikel 122, § 2 tot 4 van de programmawet van 2 augustus 2002 (zeeschepen) zullen voldoen, en de vrijgestelde meerwaarden aantasten, waardoor deze belastbaar worden overeenkomstig artikel 190, vierde lid, WIB 92.
  2. Wanneer de herbeleggingsvoorwaarden voor de vrijstelling van de meerwaarden op zeeschepen niet worden nageleefd (artikel 122 van de programmawet van 2 augustus 2002).

Deze nalatigheidsinteresten worden berekend vanaf 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd waarvoor de vrijstelling werd toegestaan.

6. Inwerkingtreding?

Het nieuwe artikel 414, §1, WIB 92 is van toepassing vanaf 1 januari 2018.

Voor het kalenderjaar 2019, wordt de rentevoet bepaald op 4 procent.

Dit betekent dat voor de fiscale schulden die reeds nalatigheidsinteresten voortgebracht hebben op 31 december 2017, minstens twee rentevoeten van toepassing zijn: tot 31 december 2017: de wettelijke rentevoet van toepassing op de betrokken periode(s) (hetzij 7 procent per jaar vanaf 1.09.1996 tot 31.12.2017) en de rentevoet van 4 procent vanaf 1 januari 2018.

Lees de volledige tekst van de circulaire 2018/C/2 betreffende de nalatigheidsinteresten en de moratoriuminteresten inzake inkomstenbelastingen – Wijzigingen aangebracht door de wet van 25 december 2017 tot hervorming van de vennootschapsbelasting