Fiscale behandeling van handelsgeschenken en -monsters, reclameartikelen, geschenken en andere goederen die gratis worden verstrekt

Geschreven door Lexalert
Foto: Hades2k  

De FOD Financiën publiceerde op 30 mei 2017 op www.fisconet.be de circulaire 2017/C/32 betreffende handelsgeschenken en -monsters, reclameartikelen, geschenken en andere goederen die gratis worden verstrekt. 

Wanneer een belastingplichtige aan zijn bedrijf een goed onttrekt om het gratis te verstrekken dan wordt deze handeling in principe gelijkgesteld met een belastbare levering van een goed bij toepassing van artikel 12, § 1, eerste lid, 2°, van het Btw-Wetboek, wanneer voor dat goed of de bestanddelen ervan recht op volledige of gedeeltelijke aftrek is ontstaan. De maatstaf van heffing voor deze handeling is de aankoopprijs van het goed of van een soortgelijk goed of, indien er geen aankoopprijs is, de kostprijs (Wetboek, artikel 33, § 1, 1°).

Het verstrekken van handelsmonsters, handelsgeschenken van geringe waarde of gelegenheidsgeschenken wordt echter niet beoogd door deze bepaling. Deze circulaire heeft tot doel de regels in herinnering te brengen die van toepassing zijn op de kosteloze uitdeling van monsters en geschenken en deze regels te coördineren, actualiseren, verduidelijken en waar  mogelijk te harmoniseren met de bepalingen inzake directe belastingen.

Kosteloze uitdeling van monsters

Wanneer een belastingplichtige kosteloos monsters uitdeelt, met een publicitair doel en om de goederen die het bedrijf fabriceert of verkoopt te leren kennen en te leren waarderen, dan is de belasting die ter zake van de fabricage of de aankoop van die monsters werd geheven aftrekbaar indien de kosten ervan als bedrijfslasten worden aanvaard voor de heffing van de inkomstenbelastingen. Er is dan geen sprake van herziening van de aftrek, noch van onttrekking, aangezien artikel 12, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek uitdrukkelijk de handelsmonsters van de toepassing van die bepaling uitsluit.

Het monster moet van dezelfde aard zijn als de goederen die door het bedrijf worden gefabriceerd of verkocht. Vereist is echter niet dat ze op een speciale manier werden geconditioneerd of in een aparte vorm worden aangeboden, noch dat ze de uitdrukkelijke vermelding 'monster' dragen.

Rekening houdend met de aard van het product en de commerciële context waarin de monsters aangeboden worden, kunnen er aan eenzelfde klant ook meerdere stalen aangeboden worden (Hof van Justitie, 30.09.2010, C-581/08, EMI Group Ltd.).

De belastingplichtige die dergelijke uitdeling doet moet er uiteraard wel voor zorgen dat hij, ten overstaan van de administratie, op een of andere manier kan aantonen dat de uit dien hoofde verdeelde goederen niet geleverd werden in omstandigheden die de belasting verschuldigd maken (Wetboek, artikel 64, § 1). Dit bewijs kan onder meer geleverd worden door voorlegging van een door de klant ondertekend ontvangstbewijs. De belastingplichtige kan echter ook andere bewijsmiddelen voorleggen.

Wanneer evenwel geestrijke dranken zoals cognac, whisky, jenever en likeuren (wijn, champagne, aperitief op basis van wijn en champagne niet inbegrepen) gratis worden uitgedeeld als monster of gratis worden aangeboden om te proeven, is, krachtens artikel 45, § 3, 2°, van het Wetboek, geen aftrek toegelaten.

Volg het on demand seminarie Aangifte personenbelasting aanslagjaar 2017 met Maurice DE MEY

Handelsgeschenken van geringe waarde

Hiermee worden die voorwerpen bedoeld die in beroepsrelaties worden gegeven en waarvan de kostprijs door de bedrijven als algemene onkosten wordt geboekt (zoals eindejaarsgeschenken, giften in natura). Deze voorwerpen verschillen van de hierboven beoogde handelsmonsters doordat ze niet van dezelfde aard zijn als de goederen die het bedrijf doorgaans verkoopt. Ze worden dan ook niet uitgedeeld met de bedoeling ze te leren kennen of waarderen.

Een goed worden aangemerkt als een handelsgeschenk van geringe waarde wanneer het beantwoordt aan volgende voorwaarden:

  • het geschenk wordt in beroepsrelaties gegeven
  • het geschenk is geen goed bedoeld in artikel 45, § 3, 1° of 2°, van het Btw-Wetboek
  • de aankoopprijs, of bij gebreke daarvan, de normale waarde, voor het geschenk dat aan een beroepsrelatie wordt geschonken is lager dan 50 euro, exclusief btw
  • het geschenk is geen reclameartikel (zie hieronder, punt 4).

Zijn die voorwaarden vervuld, dan aanvaardt de administratie dat de aftrek van de belasting welke van die voorwerpen, of van de elementen waaruit ze zijn samengesteld, werd geheven, mag worden toegepast zonder dat er bij de uitdeling ervan van herziening van de aftrek of van onttrekking sprake is (Wetboek, artikel 12, § 1, eerste lid, 2°).

Een voucher voor enkelvoudig gebruik, kan ook worden aangemerkt als een handelsgeschenk van geringe waarde wanneer de voucher beantwoordt aan deze voorwaarden. Onder 'voucher voor enkelvoudig gebruik' wordt verstaan, een voucher die aan zijn bezitter het recht verleent een levering van goederen (vb. een boek naar keuze) of een dienst (vb. toegang tot een welness) te genieten waarvan de plaats van de levering en het toepasselijk btw-tarief gekend zijn op het moment van de uitgifte van de bon.

Per beroepsrelatie komt evenwel slechts één handelsgeschenk van geringe waarde per kalenderjaar in aanmerking voor btw-aftrek. Wanneer er in een kalenderjaar aan een beroepsrelatie meerdere geschenken worden verstrekt met een waarde lager dan 50 euro, exclusief btw, kan de aftrek slechts worden toegepast voor één van die handelsgeschenken.

Bereikt de waarde van dergelijke voorwerpen de aangeduide grens, of overschrijdt ze die, dan mag sowieso geen aftrek plaatsvinden. Werd de belasting toch reeds afgetrokken bij de verkrijging van die goederen, dan moet bij de uitdeling ervan die aftrek niet worden herzien, maar is de onttrekking met het oog op de afgifte als geschenk zelf een handeling die met een belastbare levering wordt gelijkgesteld (Wetboek, artikel 12, § 1, eerste lid, 2°).

Ten slotte wordt geen aftrek toegestaan van de belasting die de belastingplichtige betaalt bij de aankoop van goederen en diensten met het oog op het kosteloos verlenen van diensten, zelfs niet wanneer de waarde van deze prestatie geen 50 euro, exclusief btw, bereikt. Een voucher voor enkelvoudig gebruik die betrekking heeft op een dienst komt echter wel in aanmerking als handelsgeschenk als de waarde ervan lager is dan 50 euro, exclusief btw (vb. voucher ter waarde van 40 euro, goed voor een luchtdoop).

Reclameartikelen

Naar analogie van de regeling inzake directe belastingen, is de belasting die ter zake van de aankoop van reclameartikelen werd geheven aftrekbaar indien het voorwerpen betreft die cumulatief aan volgende drie voorwaarden voldoen:

  • bestemd zijn voor zeer grote verspreiding en niet voorbehouden zijn aan een beperkte categorie klanten of zakenrelaties
  • een geringe waarde hebben voor wie ze ontvangt
  • opvallend en blijvend de benaming van de schenkende onderneming dragen.

Bedoeld worden: kogelpennen, agenda's, kalenders, sleutelhangers, …

Relatiegeschenken in de vorm van verbruiksgoederen (vb. wijn, champagne, chocolade, …) voldoen niet aan het criterium 'opvallend en blijvend de benaming van de schenkende onderneming dragen'. Het gaat dan ook om handelsgeschenken van geringe waarde waarvan de btw-aftrek aan andere voorwaarden is onderworpen (zie hierboven, punt 3).

Gelegenheidsgeschenken voor het personeel of voor hun kinderen

Wanneer een belastingplichtige aan bepaalde personeelsleden of aan kinderen van personeelsleden naar aanleiding van een bepaalde gelegenheid geschenken overhandigt, gaat het, in de regel, om sociale voordelen die een privatief karakter hebben.

De belasting die werd geheven van de goederen die worden aangewend om deze privatieve voordelen te verstrekken is niet aftrekbaar als hun bestemming vooraf is bekend. In de gevallen echter waarin het onmogelijk is met zekerheid de bestemming te voorzien of deze voor elk voorwerp afzonderlijk te bepalen, of nog de omvang ervan juist vast te stellen, is de aftrek van de belasting toegestaan doch is de latere onttrekking aan de btw onderworpen, zoals bepaald in artikel 12, § 1, eerste lid, 1° en 2°, van het Btw-Wetboek.

De administratie aanvaardt dat bepaalde geschenken die worden uitgedeeld aan personeelsleden of aan hun kinderen worden ingedeeld bij de collectieve voordelen waarvan de verstrekking geen aanleiding geeft tot een herziening van de aftrek of tot een onttrekking onder volgende voorwaarden:

  • het geschenk wordt uitgedeeld aan al de kinderen van de personeelsleden die beantwoorden aan een vooraf opgelegde leeftijdsvoorwaarde of, indien het om geschenken aan personeelsleden gaat, worden deze geschenken aan alle personeelsleden uitgedeeld
  • de inkoopprijs, of bij gebreke daarvan, de normale waarde, van het geschenk dat aan een personeelslid of aan een kind van een personeelslid wordt overgedragen is lager dan 50 euro, exclusief btw
  • de uitgedeelde geschenken zijn geen goederen als bedoeld in artikel 45, § 3, 1° en 2°, van het btw-Wetboek.

Per begunstigde (personeelslid, kind van een personeelslid) komt evenwel slechts één gelegenheidsgeschenk per kalenderjaar in aanmerking voor btw-aftrek ongeacht evenwel het tijdstip of de aanleiding. Wanneer er in een kalenderjaar aan een personeelslid of aan een kind van een personeelslid meerdere geschenken worden verstrekt met een waarde lager dan 50 euro, exclusief btw, kan de aftrek slechts worden toegepast voor één van die geschenken.

Een voucher voor enkelvoudig gebruik, kan ook worden aangemerkt als een gelegenheidsgeschenk voor het personeel wanneer de voucher beantwoordt aan deze voorwaarden. Onder 'voucher voor enkelvoudig gebruik' wordt verstaan, een voucher die aan zijn bezitter het recht verleent een levering van goederen (vb. een vulpen) of een dienst (vb. een toegangsticket voor een bioscoop) te genieten waarvan de plaats van de levering of de dienst en het toepasselijk btw-tarief gekend zijn op het moment van de uitgifte van de bon.

De beslissingen nrs. E.T.36.857 van 20.02.1981 en E.T.44.335 van 04.01.1983 worden opgeheven.

Ander interessant artikel: Berekening van het belastingkrediet voor kinderen ten laste

Goederen geschonken aan slachtoffers van een ramp

Wanneer een belastingplichtige goederen die normaal bestemd zijn voor de verkoop, in uitzonderlijke omstandigheden wegschenkt aan slachtoffers van een ramp, geeft het schenken geen aanleiding tot herziening van de aftrek noch tot een onttrekking als bedoeld in artikel 12, § 1, 2°, van het Btw-Wetboek ongeacht de waarde van de goederen.

De beslissing E.T.22.421 van 29.01.1976 wordt opgeheven.

Schenken van voedseloverschotten

Wat het schenken van voedseloverschotten betreft wordt verwezen naar de beslissingen E.T.124.417 van 31.07.2013 (schenkingen aan de erkende voedselbanken) en E.T.127.958 van 21.05.2015 (schenkingen aan een lokaal bestuur of aan een door een lokaal bestuur erkende caritatieve instelling).