De gunstregeling voor schenking en vererving van familiale vennootschappen in het nieuwe vennootschapsrecht

Foto: sandrafdzh  

De Vlaamse Regering tracht met het decreet houdende diverse fiscale bepalingen van 21 december 2018 (BS 28 december 2018) de Vlaamse Codex Fiscaliteit klaar te stomen voor de komende hervorming van het vennootschapsrecht. Wij zetten hierna kort de wijzigingen uiteen die een weerslag zullen hebben op de gunstregelingen voor familiale vennootschappen op het vlak van de schenk- en erfbelasting.

Gunstregeling voor familiale vennootschappen

Wanneer u in Vlaanderen de aandelen van een familiale vennootschap schenkt, is op die schenking onder bepaalde voorwaarden geen schenkbelasting verschuldigd. Mocht een bedrijfsleider overlijden voor hij kan schenken dan bestaat er onder diezelfde voorwaarden een verlaagd tarief in de erfbelasting (3% in rechte lijn en tussen partners, 7% tussen alle andere personen).

Huidige regeling: participatievoorwaarde gelinkt aan aandelenbezit

Specifiek voor familiale vennootschappen voorziet de huidige regeling dat de schenker of erflater en zijn familie (al dan niet samen met één of twee andere aandeelhouders) over de meerderheid van 'de aandelen' moeten beschikken. De schenker of erflater moet met andere woorden op het moment van de overdracht zeggenschap hebben in de vennootschap.

Onder de huidige regeling moet de schenker of erflater:

ofwel minstens 50% van de aandelen in volle eigendom bezitten
ofwel minstens 30% van de aandelen in volle eigendom hebben als hij samen met één of andere aandeelhouders eigenaar is van de vennootschap, op voorwaarde dat hij:

samen met één andere aandeelhouder 70% van de aandelen van de vennootschap in volle eigendom heeft
samen met twee andere aandeelhouders 90% van de aandelen van de vennootschap in volle eigendom heeft.

Daarnaast moet de familiale vennootschap aan een reeks andere voorwaarden voldoen opdat de gunstregeling van toepassing kan zijn.

Toekomstige regeling: participatievoorwaarde gelinkt aan stemrechten

De aangekondigde hervorming van het vennootschapsrecht zal ertoe leiden dat de zeggenschap verbonden aan aandelen grondig zal wijzigen. Zo zal het vanaf de inwerkingtreding van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen mogelijk zijn om aan één aandeel meerdere stemrechten te koppelen. Het huidige principe dat aan één aandeel één stem wordt verbonden zal enkel nog van aanvullend recht zijn, zodat de statuten er van kunnen afwijken. Het zal met andere woorden mogelijk zijn dat één aandeel meerdere stemrechten vertegenwoordigt. Dit heeft tot gevolg dat bovenstaande participatievoorwaarde zoals zij momenteel geldt voor familiale vennootschappen niet langer volstaat om te bepalen of een schenker of erflater nog steeds het zeggenschap heeft in zijn vennootschap. De wijziging die het decreet vooropstelt is dan ook logisch. In de toekomst zal de participatievoorwaarde vereisen dat de schenker of erflater aandelen in volle eigendom heeft die minstens 50% (of in geval van één of twee aandeelhouders, respectievelijk 70% of 90%) van de stemrechten in de vennootschap vertegenwoordigen.

Men kan zich hier terecht de vraag stellen hoe de waardering van aandelen in de toekomst zal dienen te gebeuren in geval van vererving van aandelen van familiale vennootschappen. De waarde van de aandelen die één stemrecht vertegenwoordigen zal wellicht lager zijn dan de aandelen die binnen diezelfde vennootschap meerdere stemrechten vertegenwoordigen. De decreetgever geeft hier geen antwoord op. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Behoud van het 'kapitaal' in de drie jaar na overdracht

Om van de gunstregeling te kunnen genieten, moet naast de participatievoorwaarde, ook de voorwaarde van behoud van kapitaal worden nageleefd. Dit wil zeggen dat het kapitaal gedurende drie jaar vanaf de datum van overlijden van de erflater of vanaf de datum van de authentieke akte van schenking niet mag dalen door uitkeringen of terugbetalingen.

De hervorming van het vennootschapsrecht voorziet echter dat het concept ‘kapitaal’ zal worden afgeschaft voor wat betreft de besloten vennootschap (voordien bvba) en de coöperatieve vennootschap. Dit betekende dat de decreetgever een en ander diende aan te passen om tot een vergelijkbare vereiste te komen die dezelfde waarborgen biedt voor de vennootschappen die geen gebruik meer zullen maken van de notie kapitaal. Voor deze vennootschappen zal het eigen vermogen gedurende drie jaar vanaf de datum van de overdracht niet door uitkeringen of terugbetalingen mogen dalen tot onder het bedrag van de op die datum verrichte inbrengen zoals blijkt uit de jaarrekening.

De Vlaamse Codex Fiscaliteit neemt het onderscheid dat het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen zal invoeren tussen vennootschappen met en zonder kapitaal over. Voor kapitaalvennootschappen, zoals de naamloze vennootschap, blijft het concept kapitaal bijgevolg bestaan en zal er niets veranderen.

Inwerkingtreding

Hoewel het decreet reeds gepubliceerd werd in het Belgisch Staatsblad, treden bovenstaande wijzigingen pas in werking op een datum die zal worden vastgelegd door de Vlaamse Regering. De inwerkingtreding van het decreet zal uiteraard nauw samenhangen met de inwerkingtreding van het nieuwe vennootschapsrecht. Door de recente politieke ontwikkelingen is het niet duidelijk of en wanneer het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen in werking zal treden.