Afronding op 5 eurocent

Geschreven door Lexalert
Foto: Dennis Skley  

De afronding op 5 eurocent zal in de toekomst mogelijk zijn voor betalingen in speciën en elektronische betalingen. De afrondingsregels gelden niet voor e-commerce. De afronding kan enkel gebeuren voor zover de betaling plaatsvindt in de gelijktijdige fysieke aanwezigheid van de consument en de onderneming. Bovendien moeten factuur, kassaticket,… uitdrukkelijk melding maken van de facultatief toegepaste afronding.

De wet van 15 mei 2014 houdende uitvoering van het pact voor competitiviteit, werkgelegenheid en relance heeft op 1 oktober 2014 het mogelijk gemaakt om het totaal te betalen bedrag af te ronden maar enkel indien er betaald wordt in speciën.

De praktijk heeft uitgewezen dat de kleinhandel de afrondingsregels niet wenst toe te passen omdat de huidige regels tot verschillende problemen aanleiding geven, met name:

  • Het totaal te betalen bedrag verschilt naar gelang men in speciën of elektronisch betaalt.
  • De kassa’s zijn niet aangepast om twee verschillende totaalbedragen te berekenen en om enkel het elektronische betaalbedrag door te geven aan de betaalkaartterminal.
  • De doorlooptijd aan de kassa’s dreigt daardoor langer te worden te meer dat tevens steeds de vraag dient gesteld te worden hoe de consument denkt te betalen alvorens het te betalen bedrag te kunnen meedelen. B
  • Bovendien riskeren een aantal consumenten systematisch dat betaalmiddel te gebruiken dat voor hen de gunstigste afrekening geeft.

Daarom is het aangewezen om, ongeacht de betaalwijze, steeds dezelfde eindafrekening te voorzien.

Aangezien de doelstelling van de afrondingsregels erin bestaat het gebruik van de muntstukken van 1 en 2 cent te verminderen, dient deze afrondingsmogelijkheid te worden beperkt tot de betalingen waarbij de consument in staat is om baar geld fysiek te overhandigen aan een ondernemer of een beoefenaar van een vrij beroep in ruil voor diens goederen of prestaties. Dit impliceert dat de afronding typisch zal worden toegepast op betalingen die worden uitgevoerd aan een kassa in de aanwezigheid van een handelaar of van één van zijn werknemers die de betaling in goede banen leidt.

Het is belangrijk dat de consument vóór hij iets besluit te kopen, op de hoogte is dat de onderneming de afronding op het te betalen totaalbedrag toepast. Het Wetboek Economisch Recht bepaalt dat de consument vóór het sluiten van een overeenkomst met een onderneming over duidelijke en begrijpelijke informatie dient te beschikken over onder meer het product en de prijs daarvan. Het wetsontwerp wijzigt het toepasselijk artikel door:  

  • de toepassing van de afronding op het totaalbedrag niet meer te beperken tot betalingen in speciën; en
  • door te verwijzen naar de afrondingsregels die in de artikels VI.7/1 en VI.7/2 vastgelegd zijn.

Het nieuw ontworpen artikel VI.7/1 bevat de basisregel dat een onderneming het door de consument te betalen totaalbedrag mag afronden naar het dichtstbijzijnde veelvoud van 5 cent voor zover de betaling plaatsvindt in de gelijktijdige fysieke aanwezigheid van de consument en de onderneming. In tegenstelling tot de huidige tekst waar de afronding enkel mogelijk is indien in speciën betaald wordt, zal de mogelijkheid tot afronden dus gelden voor alle betalingsvormen, ook elektronische. Op deze manier wordt een discriminatie tussen de verschillende betaalmiddelen vermeden en garandeert men tevens de vrije keuze van het betaalmiddel door de consument.

►Lees ook: Reparatiewet voor het Wetboek Economisch Recht

De paragraaf 3 van artikel VI.7/2 bepaalt dat elk document dat uitgaat van de onderneming en dat het te betalen totaalbedrag weergeeft (zoals een kassaticket, een factuur of een ander betalingsbewijs) uitdrukkelijk melding maakt van de facultatief toegepaste afronding. Dit impliceert dat het document zowel melding maakt van het bedrag vóór als het bedrag na afronding. Het wetsontwerp wijzigt het bestaande artikel door de toepassing van de afronding op het totaalbedrag niet meer te beperken tot betalingen in speciën.

De voormelde wet van 15 mei 2014 voorzag tevens een uitzondering op de afrondingsmogelijkheid wanneer het ging om de betaling van geneesmiddelen. In de praktijk worden in apotheken niet alleen geneesmiddelen verstrekt maar ook andere producten. Aankopen zonder geneesmiddelen in apotheken mogen onder de huidige regelgeving wel afgerond worden maar van zodra er één geneesmiddel in het totaalbedrag zit, niet meer. Dit is een regeling die tot verwarring aanleiding geeft. Aangezien er moet over gewaakt worden dat de regels voor de afronding zo eenvoudig mogelijk blijven voor de consumenten, is het aangewezen om uitzonderingen tot een minimum te beperken en meer bepaald tot die gevallen die absoluut noodzakelijk zijn.

De onmogelijkheid om totaalprijzen af te ronden voor geneesmiddelen wordt om de reeds hoger vermelde redenen geschrapt.

Lees de volledige tekst van het wetsontwerp van 17 november 2015 houdende diverse financiële bepalingen, houdende de oprichting van een administratieve dienst met boekhoudkundige autonomie “Sociale activiteiten”, en houdende een bepaling inzake de gelijkheid van vrouwen en mannen